Jongerenevangelisatie

Copyright: Jan A. Baaijens, jongerenpastoraat

Hoe brengen we jongeren bij Jezus?

         

Hoe kunnen we de jongeren met het geloof bereiken in hun eigen denkwereld? Als we ze aanspreken, wat is er dan bij ons wat ze aanspreekt? Zien ze een liefdevol en warm hart? Is er echte belangstelling, herkenning en aansluiting? Kunnen we ons inleven in hun leefwereld? Kunnen we hen Jezus laten zien?

Hieronder kun je aanklikken op een PowerPoint van een Bijbelstudie voor een jongerenkamp in Zeeland, eind december 2015. 

Bijbelstudie Volg Jezus en vind rust Kamp Wees een licht 2015

Bij de inleiding kunnen voor bemoediging en aansporing de volgende liederen worden aangeklikt:

 YouTube-video Opwekking 717 – Stil, mijn ziel, wees stil

 Tijdens een Bijbelstudie kwam ook het volgende lied van Sela aan de orde:

WIJ VOLGEN U HEER

De Heer op wie mijn hart vertrouwt,

bent U die zoveel van mij houdt.

Ik ben verwonderd, sprakeloos,

dat U mij kent, dat U mij koos.

Uw kostbaar bloed verloste mij;

eens was ik slaaf, nu ben ik vrij.

O, ik was blind tot U liet zien:

het is genade, onverdiend!

***

Wij volgen U Heer, overal,

waarheen U ons ook brengen zal.

Dwars door beproeving, door de strijd,

bouwt U het hemels koninkrijk.

Ons hele leven, hier en nu,

blijft U in ons, en wij in U.

O Jezus in uw grote kracht,

wordt alles wat U wilt, volbracht!

 ***

Wij gaan op weg met goede moed,

vol van uw Geest die ons behoedt.

De vreugde die nog voor ons ligt,

houdt heel ons hart op U gericht.

U bent de hoop van ons bestaan;

U laat ons nooit verloren gaan!

Sterk in uw kracht, met zekerheid,

leidt U ons naar uw koninkrijk.

*** 

U bent de hoop van ons bestaan;

U laat ons nooit verloren gaan!

Sterk in uw kracht, met zekerheid,

leidt U ons naar uw koninkrijk.

Hoe kunnen we samen Jezus volgen?

We willen onze kinderen aan de voet van het kruis brengen, en mogen daarbij zelf ook opzien naar de Heiland. We willen elkaar ook aanmoedigen door getuigenissen. 

                          

In dit artikel laat ik veel jongeren aan het woord. Zelfs jonge tieners zijn aangeraakt door de liefde van Jezus. Zij hebben me gemaild wat ze hebben ervaren. Het is heerlijk om tijdens Bijbelstudies zo dicht bij de jongeren te mogen staan. We verlangen samen met hen naar de aanwezigheid van God. Ik hoop dat je bij het lezen van hun getuigenissen geestelijk zult worden verwarmd en aangeraakt. Probeer ook biddend de jongeren bij Jezus te brengen. Getuig van Hem, laat ze zien wie Hij werkelijk is, en zie wat Hij kan doen bij jongeren! Let erop: 

‘Daar zijn geen grenzen aan Jezus’ macht,

voor elk die wonderen van Hem verwacht.

Ja, wie Hem aanraakt, ervaart Zijn kracht!’  

Jezus straalt de liefde, het licht en de warmte van God uit. Gods liefde komt vanuit het Evangelie van het kruis naar je toe. Door de liefde van Jezus word je gevangen! Hij accepteert je. Als je tot Hem komt, wijst Hij je niet af. Door Zijn liefde worden de wonden van afwijzing genezen.

We lezen in Joh.3:16: ‘Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar het eeuwige leven heeft.’

Als de jongeren het Evangelie horen, kunnen ze kennismaken met de Redder. Hun leven zal dan geen schipbreuk lijden. Staat onze de reddingsboot van de al gereed voor jongeren in nood?

We lezen in Rom.10:12 dat de Heere rijk is voor allen die Hem aanroepen. Vers 13 gaat verder: ‘Want ieder die de Naam van de Heere zal aanroepen, zal zalig worden.’ De volgende verhinderingen moeten worden weggenomen, zoals we lezen in vers 14: ‘Hoe zullen zij dan Hem aanroepen in Wie zij niet geloven? En hoe zullen zij in Hem geloven van wie zij niet gehoord hebben? En hoe zullen zij horen zonder iemand die predikt?’ Waartoe worden wij dan geroepen? 

Hoe een vuil, bezwaard hart kan veranderen in een schoon en gelukkig hart kun je lezen in het getuigenis van een 16-jarige, op het eind van dit artikel. Het wordt hieronder afgebeeld door de stenen en het kruis.

We lezen over het  krijgen van een witte steen in Openb.2:17

Ga tussen de jongeren staan

Een prediker zei eens tegen mij: ‘Jij gaat tussen de jongeren staan, dat moet je niet doen; ze moeten zich aan ons aanpassen.’ Ik kon het daar niet mee eens zijn. Het is voor een jongere te ver gegrepen om te worden als een volwassene. Het is goed dat de regels helder zijn, maar met liefdevolle aandacht en begrip bereik je meer bij de zoekende en hunkerende generatie.

Zoekende jongeren met een leeg hart

Veel jongeren lopen onzeker en angstig rond met een leeg hart. Ze voelen zich vaak eenzaam en onbegrepen. Een zoekende tiener zei eens onder tranen tegen me: ‘Ik kan niet geloven dat God van me kan houden.’ Toen ze daarna de liefde van God mocht ervaren door het lied ‘Zo lief had God de Vader ons’, was ze vol dankbare verwondering en blijdschap. Ze mailde me later: ‘God gaf mij de kracht om te geloven.’

Breng de jongeren de boodschap van geloof, hoop en liefde.

Geef ze geen koude, onwrikbare religie,

maar bied ze een relatie.

Ze hebben een relatie met Jezus nodig!

Er wordt vaak over Christus gepreekt, maar na jaren van onderwijs weten veel jongeren nog niet hoe ze met Hem een relatie kunnen hebben. 

                                        

Jezus nodigt in Luk.18:16: ‘Laat de kleine kinderen tot Mij komen en verhinder hen niet.’ Dit geldt natuurlijk ook voor de jongeren.

Weten we nog wel hoe we ze tot Jezus moeten brengen?

Moeten we ze onze volwassen, rationele en dogmatische weg voorschrijven? Moeten we ze soms krampachtig forceren om zo snel mogelijk het geloof in Jezus uit te spreken? Leren we ze om te danken voor de verlossing, terwijl ze er niets van merken of voelen? We zien dat ze dan ook snel terugvallen in teleurstelling, twijfel en moedeloosheid.

Zeg de jongeren maar dat Jezus in het Evangelie dicht bij ze is, en ze wil aanraken.

Stel ze Jezus voor zoals Hij is

en zoals Hij zich aan het kruis heeft opgeofferd

voor zondige en behoeftige mensen.

Zijn bloed heeft als vloeibare liefde de aarde bevochtigd.

Zo maakt Zijn liefde ons harde hart week.

Laat Zijn liefde vloeien naar de jongeren toe.

Laat je leiden door Zijn liefde, en je zult tot Zijn doel komen. Zing met ze mee:

‘Jezus vol liefde, U wilt ons leiden…

kom tot Uw doel met een ieder van ons.’ 

                                

               Ze hebben vaak last van twijfel en innerlijke strijd

Ik geef je een aantal zinnen uit ontvangen mails van jongeren door. Ik pas de getuigenissen iets aan, door onder meer namen weg te laten. De jongere getuigde: ‘Sinds ik voor het eerst op Bijbelstudie gekomen ben, ben ik eigenlijk serieus na gaan denken over het geloof. Dat kwam ook omdat ik met name op Bijbelstudie de boodschap kreeg dat het ook echt mogelijk was. In de kerk vertelden ze dat natuurlijk ook wel, maar dan moest je eerst dit en dan dat en dat is nu ook zo natuurlijk, maar dan lijkt het toch behoorlijk onmogelijk. De eerste keer op Bijbelstudie was echt heel indrukwekkend ik voelde echt dat God in het midden was. Ik wilde ook helemaal niet naar Bijbelstudie. Ze hebben me er ongeveer mee naartoe gesleept, maar toen ben ik ook zoveel mogelijk gekomen. (…) De Bijbelstudies daarna zijn meestal heel zinvol geweest. Je leert vooral op de feiten te vertrouwen en daarmee te worstelen voor God. Een leider zei ook een keer als je naar jezelf loopt te kijken van geloof ik nu wel enz. dan ben je als iemand die het anker uitgooit in je eigen schip. Maar je moet het op vaste bodem doen, namelijk God. En dat onthoud ik steeds. (…)
Maar ik vond het nog steeds moeilijk om te zeggen ik geloof dat God voor mijn zonden gestorven is. Nu weet ik dat het wel zo is en als er dan twijfel komt, pech dan. Ik geloof omdat Jezus leeft! Misschien is het geloof niet altijd in ‘beoefening’, maar daar wordt het Woord van God niet minder waar om. Het is een stellig weten en een vast vertrouwen. En het is niet verkeerd als ik goed probeer te doen, maar ik ben uit genade zalig!’

                                           

Ze kunnen hevig worden aangevallen in hun gedachten

Een jongere getuigde na een indrukwekkende bijbelstudie, waarin we de aanwezigheid van de Heiland ervoeren: ‘Het gaat nu goed met me, ik was gisteravond erg vermoeid van alle emoties. Gisteravond was een hele mooie avond, het was weer een lichtpunt in de duisternis. Ik ben al een tijd bezig met geloof en God leeft ook al een aantal maanden in mijn hart, helaas wordt het steeds weer donker en koud in mijn hart. Dan wil je weer die Vreugde in je voelen, dat gebeurde gisteravond toen alle emoties van de afgelopen (donkere) maanden eruit kwamen. (…) Vandaag merk ik wel dat de duivel me weer zit te verleiden met  gedachten zoals u ze ook schrijft: het was niet echt en je bent niet veranderd. Daar word ik wel verdrietig van, maar ik zoek toevlucht tot God. Ik vond het lange bidden gisteravond heel fijn! Het heeft bij mij heel erg geholpen en steun gegeven, ook de hulproepen tot God deden mij goed!

Vooral gisteravond was ik helemaal vervuld met Hem, nu merk ik helaas dat de duivel weer komt. Ik bid ervoor dat alleen de Heere Jezus in mijn hart komt en 0% de duivel, dan heb je echte rust! Ik kijk ontzettend uit naar de volgende Bijbelstudie!’

Jezus kan ons pas echt verzadigen en de volkomen geestelijke vervulling geven. Hij roept ons toe vanuit Joh.7:37-38: ‘Als iemand dorst heeft, laat hij tot Mij komen en drinken. Wie in Mij gelooft, zoals de Schrift zegt: Stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien.’

Jongeren hebben veel ‘ups en down’ in hun geloofsleven

Na een ingrijpende Bijbelstudie reageerde een jongere op mijn mail: ’Op dit moment gaat het goed met me, ik vond het inderdaad heel ingrijpend gisteravond. Ik heb nu eindelijk het gevoel dat ik helemaal tot rust gekomen ben.
Ik was al langer op zoek naar vaste grond in het geloof in mijn leven. Ik heb al vele keren het idee gehad dat ik wat gevonden had. Dat ging elke keer na een paar dagen weer over, dus ik was ondertussen al aardig moedeloos geworden. Ik had al ongeveer een maand mijn Bijbel niet meer open gehad, en ik had niet meer gebeden, omdat ik toch het gevoel had dat het niet hielp. Maar toch verlangde ik er heel erg naar, omdat ik het idee had dat ik iets miste in mijn leven. Daarom ben ik toch maar naar Bijbelstudie gegaan.

Ik heb nu wel een beetje dubieus gevoel, omdat ik in de kerk vanmorgen toch wel bevestiging gekregen heb, maar aan de andere kant komen er elke keer gedachten naar boven, over dat ik het me inbeeld, en dat ik het mezelf verbeeld. Dat vind ik wel moeilijk nu… Gisteravond was het meer strijd in mijn hart, omdat ik heel graag wilde, maar iets hield mij tegen. Vandaag tijdens de preek kreeg ik elke keer een warm gevoel, dat ervoer ik meer als Zijn woorden tegen mij. Gisteravond was meer een uitnodiging denk ik!’

Op de vraag hoe hij Jezus nu ziet, antwoorde hij: ‘Ik zie Hem nu als de persoon die mij gered heeft van mijn zonden. Ik hoop dat ik dat met Gods hulp nog lang mag blijven geloven! Wat ik voel is denk ik wel te omschrijven als liefde voor hem. Hij heeft mij gered!’

Koude harten worden door het Evangelie verwarmd

Een deelneemster van 15 jaar mailde me na een Bijbelstudiekamp: ‘Ik was eerst zo koud en hard. Toen ben ik voor het eerst mee geweest naar de Bijbelstudie en vond het daar heel mooi, ik wilde vaker mee… en toen het kamp.

‘Ik vond het een heel mooi kamp. Het was voor mij de eerste keer, en ik heb nog niet eerder mee gemaakt dat ik God zo dichtbij voelde. Ik werd dan helemaal warm van binnen en begon helemaal te zweten en te trillen. Normaal huil ik niet zo snel maar ik heb dit kamp toch een paar keer moeten huilen, omdat ik het zo mooi vond. Je voelt ook een eenheid met elkaar, we willen met z’n allen God dienen! (…) God is zo goed dat Hij mij, met zoveel zonden, met Zijn liefde tot zich heeft getrokken. Ik ben nu echt van Hem gaan houden, en wil nooit meer bij Hem weg. 

Hoe worden jongeren worden geestelijk aangeraakt?

Tijdens Bijbelstudiesamenkomsten luisteren tieners heel aandachtig naar een inleidende toespraak. Iemand vroeg eens waarom ze dit deden: Er werd geantwoord: ‘Wij willen worden aangeraakt!’

                                       

Een meisje van ca. 12 jaar mailde na een Bijbelstudiekamp: ‘Ik vond het een heel erg mooi en gezegend kamp. Ik heb mezelf ontdekt en dat was heel erg schokkend. Ik geloof dat Jezus Christus mijn zonden nu heeft vergeven.’

Ben je al aangeraakt door de liefde van Jezus?

Het is opmerkelijk dat ook jongeren rond de 12 jaar opwekkende ervaringen beleefden tijdens het kamp. We bemerkten samen de aanwezigheid van de Heilige Geest. Er was een uitwerking die we zelf niet kunnen bewerken. Na het samen Bijbelstudie doen, praten en bidden (in een groepje van 10 jongeren), gingen vijf meisje naar hun slaapruimte. Daar zijn ze weer gaan bidden. Er kwam een diepe ontroering over hen, zodat ze innig huilen en zelfs beefden.

Een meisje van 13 jaar mailde me hierover: ‘U weet het natuurlijk al, maar toch vind ik dat ik het nog een keer moet zeggen. Toen we samen Bijbelstudie hadden en toen u ging bidden, kregen ik en mijn andere vier vriendinnen een zegen! Terug op onze kamer zaten we helemaal te trillen en gingen we (alle vijf) huilen. We hebben een aanraking van God gehad! Het was echt zo mooi!’

Jezus wordt verheerlijkt in jongeren

Bij het ontvangen van zegen gaat niet om ons bidden, maar om de genadige aanwezigheid van de Heilige Geest. Hij kwam ook mee in de gebeden van de meisjes onder elkaar. Wij mogen steunen op de belofte van Jezus, dat Hij in het midden is, daar waar twee of drie in Zijn Naam vergaderd zijn (Matth.18:20). De Heilige Geest verheerlijkt Jezus, neemt het uit Hem en verkondigt het ons Joh.16:15). Daarom moeten wij Jezus aan de jongeren voorhouden als een gewillige Zaligmaker. Hij moet de jongeren worden voorgesteld als de lijdende Verlosser, ‘alsof Hij onder hen gekruisigd was’. We lezen dat in Gal.3:1 met betrekking tot de Galaten. Wie Hem zo voorstelt en verkondigt, mag er biddend op vertrouwen dat Hij het grote werk doet en jongeren aanraakt. Door deze aanraking zie je ze innig ontroeren. Ze krijgen daarbij hoop op persoonlijke redding.

Aangeraakt door het zien op de verhoogde Verlosser

Er gebeurt iets geweldigs met je als je door genade mag zien op de lijdende Verlosser. Zijn licht en liefde geven je dan een heerlijke warmte en hoop. Zijn opofferende liefde geeft je een blik buiten jezelf op de Heiland, Die je genadig de hand reikt. Ten diepste zitten jongeren met een onopgelost schuldprobleem, en ook met onzekerheid en angst naar de toekomst.

 Zonder Jezus heb je geen goede toekomst!

Zonder Hem blijf je zitten met het gif van de zonde in je leven. Dat zal je leven steeds meer verzieken. De zonde in je moet worden gedood, anders zal de zonde jou doden. Innerlijke leegte, eenzaamheid, pijn en ziekte zijn allemaal gevolgen van de zonde. De melaatsen in Israël hadden een aanraking van Jezus nodig, anders bleven ze de dood voor ogen houden. Jezus moet ons aanraken om ons te verlossen van onze zondekwaal. Door het Evangelie worden onze ogen daarvoor geopend en gaan we opzien naar de Heiland en Heelmeester.

Door Jezus Christus hebben we redding, vergeving, herstel en het eeuwige leven. In Joh.3:14-15 wordt ons verkondigd: ‘En zoals Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, zo moet de Zoon des mensen verhoogd worden, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.’

Het gif van de zonde is dodelijk. Het zondeprobleem in ons moet worden opgelost. Door zonden ontstaan dus ook innerlijke wonden. Zielig naar jezelf kijken en klagen lost niets op. Minder of meer kennis van jouw ellendige toestand helpt je niet. Het is een vaststaand feit dat je verlost moet worden van het zondegif. Het is ook een vaststaand feit dat een ieder die in Jezus gelooft, niet verloren gaat. Jezus leert ons duidelijk in Joh.6:40: ‘En dit is de wil van Hem Die Mij gezonden heeft, dat ieder die de Zoon ziet en in Hem gelooft, eeuwig leven heeft, en Ik zal Hem doen opstaan op de laatste dag.’

Kijk daarom niet steeds naar beneden, in je duistere hart; kijk ook niet terug naar je pijnlijke verleden, maar kijk omhoog naar Jezus, Die als de koperen slang is verhoogd. Aan het kruis heeft hij de zonden op Zich genomen en Zijn reinigend bloed gestort tot vergeving van onze zonden. Slechts door gelovig op Jezus te zien, word je gereinigd van het zondegif. Er is geen ander middel en er is ook geen andere Middelaar. Zijn bloed is het enige medicijn om jou te redden. In Joh.1:29 lezen we het verlossende woord voor jou: ‘Zie het Lam van God, dat de zonde van de wereld wegneemt!’ 

Verkondig hen Jezus Christus, de Gekruisigde

Ik wil het nogmaals benadrukken: de Heilige Geest neemt het uit Jezus en verkondigt het ons. Jezus verklaart in Joh.14: ‘Die zal Mij verheerlijken, want Hij zal het uit het Mijne nemen en het u verkondigen.’ Daarom moeten wij ook de lijdende en verhoogde Verlosser uitschilderen en voorstellen aan de jongeren. Je moet er dan op vertrouwen dat de Heilige Geest het hen echt laat ervaren. Paulus wist dat daarin het geheim, de wijsheid en de kracht van God ligt.

Het Evangelie is een kracht van God tot zaligheid (Rom.1:16). Paulus prediking was er helemaal opgericht. Hij getuigt ervan in 1 Kor.2:2: ‘Want ik had mij voorgenomen niets anders onder u te weten dan Jezus Christus en Die gekruisigd.’ Als je de jongeren wilt bereiken met het Evangelie, moet je met Paulus (in 1 Kor.1:23) getuigen: ‘Wij echter prediken Christus, de Gekruisigde.’ Dat zal de jongeren aanraken en vervullen. Gods Geest werkt door dit getuigenis, en Jezus wordt dan ook geprezen door de jongeren.

Een meisje van 15 jaar getuigde achteraf: ‘Ik heb het kamp echt als heel bijzonder ervaren, voor het eerst in mijn leven heb ik echt Gods Geest in mij gevoeld. (…) Ik ging als een heel ander iemand naar huis dan dat ik gekomen was. En nu voel ik mij veilig geborgen. Lof zij de HEER die dit aan mij heeft gedaan. Hem komt alle aanbidding toe.’

Na een aanraking moet verdere bekering volgen

Na een ‘aanraking’ en het zien en ervaren van de liefde van Jezus, moet er een weg van verdere bekering, verdieping in geloofsgroei volgen. Het zaad van het Evangelie is gestrooid in het hart van de jongeren. Nu moet het zich positief gaan ontwikkelen en niet van tijdelijke aard zijn. Het mag ook niet worden overwoekerd en verstikt door de zorgen van het leven en de verleidingen van het moderne leven. We zien uit naar de verdere vrucht!

We moeten ook eerlijk zeggen dat er ook zijn die zich later afkeren van de goede weg. Het is dan helaas de vreugde van een tijdelijk geloof geweest. De gelijkenis van het zaad leert ons wat er met het aanvankelijk ontkiemde zaad kan gebeuren. Gevoel moet verdergaan in meer geworteld geloof, anders kan het niet standhouden in moeilijke omstandigheden. De jongeren moeten door persoonlijke Bijbelstudie steeds meer worden geworteld in het Woord van God.

Gevoel moet verdergaan in meer geworteld geloof

Gelukkig mogen we door de jaren heen ook blijvende vrucht zien. Het is opvallend dat we niet te maken hebben met een ‘juichend christendom’ onder deze jongeren. Na aanrakingen en overtuigingen krijgen ze ook te maken met strijd en twijfel. In de strijd tegen zonde moet de oude vleselijke mens in hen steeds meer afsterven en de nieuwe geestelijke mens opstaan. Geestelijke duisternis en twijfel verdwijnen door het standvastig volgen van het Licht en het zoeken naar de Waarheid. Jezus is de Weg, de Waarheid en het Leven! (Joh.14:6).

Jongeren worden door jongeren gevangen

Het is belangrijk voor deze jongeren dat ze naast de kerkelijke samenkomsten ook de maandelijkse Bijbelstudies blijven volgen. Op de eerstvolgende avond na een zegenrijk kamp waren we op 15 januari 2011 met meer dan 130 personen bij elkaar. De enthousiaste deelnemers van het kamp hadden ook weer nieuwe jongeren meegenomen.

Het oprechte geloof komt goed naar voren in de volharding, de blijvende honger naar Gods Woord en het verlangen naar de liefde van Jezus. Wat ze gevonden hebben, willen ze ook doorgeven. Deze bijzondere geestelijke blijdschap valt op bij hun kennissen. Jongeren die in ‘hun eerste liefde’ leven, stralen dit ook uit naar anderen toe. Bleef dit maar zo! Meestal wordt het stralende licht steeds minder en blijf er een waakvlammetje over. Er komt strijd tegen sterke verleidingen en opnieuw opkomende zonden. De twijfel kan daardoor weer toeslaan. Toch kunnen ze de liefde van Jezus en Zijn aanraking niet vergeten. Als meerdere waakvlammetjes weer bij elkaar zijn tijdens een nieuwe samenkomst, dan kan het weer helder licht worden. En het wordt toch weer warm van binnen als ze (horen) zingen ‘Herstel mijn eerst liefde’.

Herstel mijn eerste liefde

Tijdens een conferentie heeft het zingen van lied ‘Herstel mijn eerste liefde’ door twee jongeren veel aanwezigen geraakt. Dit bleek ook in de persoonlijke getuigenissen. Dit is het lied van de conferentie geworden! Het innerlijk verlangen van velen wordt hierin vertolkt. Ik laat het lied van Marcel en Lydia Zimmer nu volgen:

Vader in de hemel,

Die zoveel om mij geeft,

dat U in Uw genade

Uw Zoon gegeven heeft.

Dank U voor Uw liefde,

Uw eindeloze trouw,

dat ondanks al mijn falen,

U zegt: ‘Ik hou van jou’. 

 

Refrein:

Herstel mijn eerste liefde,

die ik ooit had voor U,

want ik wil van U houden,

nog zoveel meer dan nu.

Mijn hart moet weer gaan branden,

zoals het heeft gedaan,

vol vuur en vol van hartstocht,

die nooit meer weg zal gaan.

 

De drukte van het leven

trok mij met zich mee.

De liefde die vervaagde,

de passie die verdween.

Ik was U niet vergeten,

maar nam de tijd niet meer,

om in Uw Woord te lezen,

bij U te zijn, o Heer.

 

Refrein: …

 

Vader in de hemel,

met eerbied vraag ik nu,

of U mij wilt vergeven.

Ik kan niet zonder U.

Dank U voor Uw liefde,

Uw eindeloze trouw.

En Vader, Ik wil zeggen,

dat ik zoveel van U hou.

 

Maak het zichtbaar door voorbeelden

Kinderevangelist Bill Wilson heeft in 1980 een omvangrijk kinderwerk van zondagsscholen in Brooklyn, New York opgezet. Inmiddels komen er meer dan 25.000 kinderen wekelijks naar de samenkomsten. God is daar duidelijk aan het werk. De liefde van Jezus Christus overwint veel kinderharten. Bill weet ook met zichtbare zaken en voorbeelden de aandacht van de duizenden kinderen te boeien. Ze leren daardoor belangrijke, ingrijpende geestelijke lessen. 

Hij verklaart ons: ‘Bij de Metro-zondagsschool bouwen we elke les om een eenvoudig thema of principe. We pakken één punt bij de kop en proberen dat helemaal uit te werken. Het is ons streven de toepassing zo duidelijk te maken, dat de kinderen er in hun eigen leven iets mee gaan doen en het nooit meer vergeten.’Hij leert ons verder: ‘We gebruiken altijd zichtbare dingen om duidelijk te maken waar het om gaat. Drieëntachtig procent van alles wat we leren, komt via onze ogen. Kinderen moeten zien wat u zegt. Ik kan bijvoorbeeld twee glazen van een heldere vloeistof omhoog houden en zeggen: ‘Ze zien er precies hetzelfde uit, maar in één glas zit water en het andere azijn. Op die manier neemt de satan jullie in de maling.’ Bill geeft hierbij aan: ‘Ik wil dat de jongens en meisjes elke week een voorstelling maken van het thema en het in hun geheugen opslaan.’ 

Opwekkende ervaringen in een zondagsschool

Bill Wilson geeft hierbij een ervaring die past bij wat wij hebben meegemaakt tijdens het kamp. Hij schrijft ons: ‘Ik kan me nog de dag herinneren waarop we een van de tien geboden presenteerden – de gevaren van de aanbidding van afgoden.’ Hij verhaalt: We bouwden een groot kruis midden op het podium. Voor het kruis zat een groep tieners geknield te bidden. Ik zei toen tegen de zaal: ‘Soms zijn er dingen in ons leven die afgoden zijn – dingen die we vóór God zetten.’

Eén voor één stonden de jonge mensen op en haalden achter een groot scherm iets vandaan dat voor hen belangrijker was dan de Heer.’ Achtereenvolgens werden door de tieners een televisietoestel voor het kruis geplaatst, plus een poster van een groep en modieuze kleren aan het kruis gehangen.

Wilson vervolgt: ‘Toen de jonge mensen zagen dat het kruis bedekt was met dingen die belangrijk waren in hun leven, begrepen ze heel goed wat we bedoelden. Ze beseften dat wat zij aanbaden, niet aangenaam was voor de Heer. Het kruis had niet de eerste plaats in hun leven. Er was duidelijk een moment waarop het leek alsof de boodschap tot alle harten in de zaal doordrong. Het leek wel alsof er van binnen een knop omgedraaid werd, waardoor een lamp ging branden. Dat ben ik! beseften ze. Dat doe ik.

Plotseling was er in de zaal een sfeer van heiligheid. Je kon de aanwezigheid van God en de overtuigingskracht voelen. De Heer sprak rechtstreeks tot honderden jonge mensen, en levens werden voorgoed veranderd.’

We kunnen dit lezen in het aangrijpende en bemoedigende boek van Bill Wilson: ‘Van wie is dit kind?’ (Zie verder over het kinderclubwerk van Wilson tekst en afbeeldingen bij de subtitel ‘Samenkomsten’.)

De uitgedeelde stenen

Wij hebben ook bijzondere ervaringen opgedaan met zichtbare voorwerpen tijdens een Bijbelstudiekamp. Een inleider en had witte stenen meegenomen, die we in onze hand konden houden. Er waren er meer dan genoeg. Iedere aanwezige kreeg bij aanvang een witte steen. Aan deze stenen werden symbolische betekenissen gegeven, om ons iets te leren. Het heeft ons verwonderd, wat dit bij de jongeren heeft uitgewerkt. Veel aanwezigen begrepen waar hun steen op zag.

                                        

Eerst moesten we met de steen in onze hand bedenken van welke zonden, gebreken of pijn we verlost wilden worden. Daarover waren we een klein poosje in stil gebed. Misschien zijn er geweest die daarbij dachten aan een belangrijke persoonlijke zonde. Anderen hadden wellicht meerdere zonden waar ze vergeving en bevrijding voor verlangden. Dat moest je dan maar in die ene steen leggen. In de Christenreis van Bunyan heeft Christen ook een pak van zonden op zijn rug. Het zat allemaal verborgen in dat ene pak. Weer anderen kunnen gebreken en pijn in hun steen hebben gelegd.

                                       

Na de gebeden mochten we de stenen voorin de zaal bij elkaar leggen. Daar bleven ze liggen tot op het eind van het kamp. We hadden onze stenen (zonden, gebreken, zorgen, pijn en lasten) daar als het ware voor Gods aangezicht gelegd. Ik denk dat de meesten hierin eerlijk zijn geweest. Het heeft veel jongeren wel beziggehouden in de komende tijd op het kamp. Het kwam in de bespreking in de aparte Bijbelstudies nog wel aan de orde.

                                      

Een bijzondere ‘stille tijd’

Tijdens de stille tijd op donderdagmorgen waren de jongeren geruime tijd (misschien wel een half uur) opmerkelijk stil voor zichzelf bezig met bidden en Bijbellezen. Er werd ook in tweetallen stille tijd gehouden. In een gebedsruimte waren er nog meer bezig met het overdenken van Gods Woord, het luisteren en bidden. Velen hebben deze stille tijd ervaren als een soort heilig moment. Er heerste een opmerkelijke sfeer van toewijding en afzondering voor de Heere. Er was een opzien tot God, een inkeer in zichzelf en een uitzien tot het heil in Jezus Christus. Jongeren wilden verlost worden van hun ‘stenen’ en worden aangeraakt door de liefde van Jezus.

Rond de zeventig jongeren vanaf 12 jaar waren daar in een opmerkelijke rust bezig met hun stille tijd, terwijl een aantal van hen de aanwezigheid van God heeft ervaren. Er zijn ook getuigenissen van geweest, die niet in dit verslag zijn opgenomen. Er waren een aantal bijzondere momenten tijdens het kamp. Bij veel jongeren werd het verlangen gaandeweg opgewekt. Bij sommigen is het geleidelijk gegaan, bij anderen brak het licht en het nieuwe inzicht sneller door.

Bevrijding van een zware last

Een deelneemster van 16 jaar heeft me daarna  een heerlijk getuigenis gemaild. Ze reageerde: ‘Ik heb tijdens deze kampdagen zoveel nieuws ervaren.
Ik weet niet precies wanneer het begon, ik denk ongeveer zo’n anderhalf jaar geleden. Ik begon naar de God van de hemel te verlangen in plaats van naar de hemel. En ik had geen rust meer. Slapen deed ik bijna niet meer, ik worstelde met mijn zonden, ik bleef lang wakker liggen en bidden, dan weer draaien en woelen, weer bidden, en uiteindelijk viel ik uitgeput in slaap. Vele nachten heb ik zo doorgebracht, ik klampte me vast aan sommige Bijbelteksten, maar dan wist ik weer niet zeker of ze wel voor mij bedoeld waren. Rust had ik niet. Echt niet.

Ik was bang dat ik niet op tijd zou zijn. Elke dag was ik bang dat ik niet meer thuis zou komen, elke avond was ik bang dat ik niet meer wakker zou worden. Mijn concentratie begon te verdwijnen, ik dacht voortdurend aan mijn verbroken relatie met God en hoe ik dat kon verbeteren, hoe ik naar God toe moest.
Ook op het kamp heb ik niet veel geslapen. De eerste nacht lag ik ook zo te woelen, ik kon de slaap niet vatten. Om half 3 ging ik de gang op, waar ik iemand tegenkwam waar ik een poosje mee heb gepraat en gebeden, ik kwam weer terug, maar nog kon ik niet slapen. Uiteindelijk viel ik toch in slaap, maar het was nog steeds niet goed tussen mij en God, mijn zonden stonden me zo verschrikkelijk in de weg. Ik durfde mijn stenen niet bij God te laten, ik durfde er niet op te vertrouwen dat Hij er goed voor zou zorgen.
Ik kwam er gaandeweg steeds opnieuw achter dat ik niet naar mijzelf moest kijken, ik moest niet naar mijn zondige hart kijken; ik moest naar Christus kijken en naar het kruis, en dat vond ik heel erg moeilijk. Ik kon niet begrijpen dat ik vooruit moest kijken en niet naar beneden, dat ik niet moest kijken hoeveel zonden ik wel gedaan had, maar voor hoeveel zonden Christus gestraft is.

Ik zei: “Ik weet dat God voor mijn stenen zal zorgen, dat Hij dat goed doet, maar ik durf niet. Ik durf er niet op te vertrouwen.” En ik hoorde zelf hoe lekker tegenstrijdig ik weer was. Ook hebben we gebeden, ik heb tegen God gezegd dat ik het zo vreselijk moeilijk vond om mijn stenen bij Hem te laten en ik heb Hem gevraagd om ze vast te pakken zodat ik ze niet mee terug zou kunnen nemen. Weer liet ik mijn stenen zien, maar weer nam ik ze mee terug. Nog was het niet goed tussen mij en God, maar ik was er in ieder geval van overtuigd dat God mijn stenen wilde aannemen.
Donderdag, tijdens de stille tijd, heb ik opnieuw mijn stenen voor God neergelegd, en weer gevraagd of Hij ze wilde pakken, zodat ik de kans niet kreeg om ze mee terug te nemen. En eindelijk keek ik vooruit, naar Christus, in plaats van naar mijn zondige hart. Hij tilde mijn hoofd op. Ik kon het niet zelf, maar Hij tilde mijn hoofd op, zodat ik Hem zag. Ik keerde terug zonder die stenen. Ik voelde me zo bevrijd, en ik had eindelijk rust.’

    

We lezen over het  krijgen van een witte steen in Openb.2:17.

De 16-jarige getuigde verder: ‘Ik kan nog steeds niet begrijpen dat het gebeurd is. Het is gedaan met die stenen. Verboden te vissen! Ik besefte hoe vreselijk klein ik ben, en hoe groot God is! Daarna heb ik ook heel veel gehuild, van verdriet omdat Jezus door mij stierf, en van blijdschap omdat Jezus ook voor mij stierf. Ik besefte wat dat voor mij betekende! Ik kan God niet genoeg bedanken en ik gun dit iedereen! Echt iedereen, jullie ook!’

 

 

 

Comments are closed.