Handboek Overwinning in de geestelijke strijd I+II

Copyright: Jan A. Baaijens, jongerenpastoraat

Overwinning

 in de geestelijke strijd 

Handboek

door 

Jan A. Baaijens 

Kapelle 

2010

 

Een pastorale zoektocht

naar innerlijke vrijheid

in Jezus Christus 

Het handboek geeft inzicht in de geestelijke machten die mensen beïnvloeden en sturen. Het boek gaat gaat verder over voorkompastoraat, pastorale counseling voor jongeren en verdere nazorg bij beschadigde emoties en geestelijke problemen.

Wanneer laten wij ons beïnvloeden door geestelijke boosheden? Hoe worden wij geleid door de Heilige Geest en kunnen wij staande blijven in de geestelijke wapenrusting?(Zie Ef.6:10-18.) 

De gave van de onderscheidingen van geesten (1 Kor.12:10) is in deze eindtijd van grote verleidingen noodzakelijk. Demonische machten bedreigen onze jeugd met een ongekende hevigheid. Het handboek bevat veel actuele gegevens over de gevaren die de jongeren bedreigen.

Het beschermende jongerenpastoraat moet in de christelijke gemeenten een grotere plaats gaan innemen. 

Het is geschikt voor voorkompastoraat, bescherming, zelfanalyse, persoonlijke geestelijke vorming, geloofsopbouw, bevrijding bij geestelijke problemen, herstel bij emotionele beschadigingen en verdere nazorg. 

 De genadegaven geloof, hoop en liefde zullen de boosheid, haat en angst overwinnen 

‘Er is in de liefde geen angst,

maar de volkomen liefde werpt de angst uit’

1 Joh.4:18 

‘Wordt door het kwade niet overwonnen,

maar overwint het kwade door het goede’

(Romeinen 12:21)

 

De overwinning door Jezus Christus

 staat in dit boek centraal 

We lezen over de (uiteindelijke) overwinning in Openb.17:14: ‘Dezen zullen oorlog voeren tegen het Lam, en het Lam zal hen overwinnen (want Het is een Heere der heren, en een Koning der koningen), en die met Hem zijn, de geroepenen, de uitverkorenen en gelovigen’ (Openbaring 17:14)   

Occulte machten en invloeden kunnen worden overwonnen door de kracht van het Evangelie

Het Evangelie is een kracht van God tot zaligheid

(volgens Romeinen 1:16) 

Het handboek is verdeeld over een serie hoofdstukken en hoofdonderdelen van I tlm VIII. Het betreft alleen de tekst. Een groot deel van de tekst is verwerkt in de andere artikelen op deze website, waarin wel veel afbeeldingen en leerzame illustraties zijn opgenomen. Een aantal van deze afbeeldingen en bewerkte tekeningen horen eigenlijk ook bij het handboek (in de tekst wordt er wel naar verwezen). Ik hoop deze  er D.V. nog in te plaatsen.

Inhoudsopgave 

    Inleiding 

I. De geestelijke wereld 

1. De werkelijkheid van de geestelijke wereld

     1.1 Let op de geestelijke werkelijkheid

     1.2 Ons leven heeft een hoger doel

     1.3 beproef de geesten

     1.4 Het geloof maakt het zichtbaar

     1.5 Het geloof activeert

     1.6 Jezus Christus brengt het aan het licht

     1.7 Door het geloof in Jezus verstaan wij de waarheid 

 

II. Geestelijke confrontatie 

2. Het Licht schijnt in de duisternis

     2.1 Een confronterend Licht

     2.2 Een genadig, liefdevol handelen van God

     2.3 Ontvang het Licht!

     2.4 Gods licht en liefde schijnen

     2.5 Hoe worden zonden vergeven?

     2.6 Hoe komt er genezing en herstel?

     2.7 Laat de lichtbundel verder schijnen!

     2.8 Een goede uitwerking door Jezus Christus!

 

3. De waarheid en de leugen

     3.1 De duisternis en de leugen

     3.2 Watchman Nee en het overwinnend Evangelie – LG

     3.3 Herken en bestrijd boze misleiders

     3.4 Luister en spreek naar het Woord

     3.5.Groeien in kennis   

     3.6 Het Licht en de Waarheid

     3.7 Het meningsverschil moet worden opgelost 

     3.8 De verloren zonen 

 

III. Bescherming en overwinning 

4. Veilig in de schuilplaats van de Allerhoogste

     4.1 Bescherming onder de wolk

     4.2 Een gelovige hoeft niet bang te zijn

     4.3 Wang MingDao: van bangerik naar geloofsheld 

     4.4 Geestelijke leiding onder de wolkkolom

     4.5 Volg met je hart

     4.6 Wees niet dubbelhartig

     4.7 Buiten de wolk is de gevarenzone

     4.8 Kom (weer) onder de veilige wolk!

     4.9 Overwinning onder de wolk

     4.10 De methodistische opwekking 

    4.11 Opwekkende ervaringen van Andrew Murray 

     4.12 Opwekking onder de Zoeloes 

     4.13 Opwekking onder gangsters in New York 

     4.14 Gezegende kampen in 1993 

     4.15 Opwekkende ervaringen onder jongeren in 2009 

     4.16 De geestelijke aanwezigheid van Jezus

 

5. De goede engelen

    5.1 Strijdengelen

    5.2 Beschermengelen

    5.3 Wonderlijke uitreddingen

    5.3.1 Jossi Ben Zvi 

    5.3.2 De gelovige soldaat Vanya 

 

IV. Het geestelijk slagveld

 

6. De geestelijke strijd achter de schermen

     6.1 De identiteit van satan

     6.2 Lucifer, de muzikale misleider

     6.3 Satanisme in de popmuziekwereld

     6.4 De koophandel van satan

     6.5 Jezus en de demonen

     6.6 De machtspositie van Jezus

     6.7 Een leger demonen

     6.8 Een leeg huis voor acht demonen

     6.9 De identiteit en het werk van demonen

     6.10 Waar kunnen demonen zich achter verschuilen?

     6.11 Magie in het heidendom

     6.12 Occulte belasting bij de Zoeloes 

     6.13 Nicky Cruz, zijn ouders en de occulte machten 

     6.14 Vlucht buiten het gezicht van de slang    

     6.15 Het World Wide Web van satan

     6.16 Demonen en hun activiteiten

     6.17 Hoe kunnen we ons afschermen?

     6.18 Geloof, waak en bid!

     6.19 De kracht van het gelovig gebed

     6.20 Een persoonlijke test voor Jim Cymbala 

     6.21 Strijd en overwinning

     6.22 De eindstrijd

     6.23 Jezus Christus is de grote Overwinnaar!

 

7. De strijd om de jeugd

     7.1 Wereldse verleidingen

     7.2 Digitaal vluchtgedrag

     7.3 Jeugd en popmuziek

     7.4 Inspelen op gevoelens

     7.5 Verzwakking van de wilskracht

     7.6 Karakter en wilskracht

     7.7 De gekwelde generatie

     7.8 ‘Ik wil me ontspannen’

     7.9 Voorkompastoraat is nodig

     7.10 Onzekerheid, stress en besluiteloosheid

     7.11 Spelers in het grote spel

     7.12 Laat je niet verleiden!

     7.13 Blijf op veilige afstand

     7.14 Let op de tijdgeest

     7.15 ‘Zorg dat ze geen tijd hebben’

     7.16 Communistische regels voor revolutie

     7.17 Beïnvloeding via de massamedia

     7.18 TV-verslaving

     7.19 Schrikbarende toename mediagebruik

     7.20 De internetgeneratie

     7.21 Het gevaar in de online videogames

     7.22 De Nieuwe Uri Gellershow

     7.23 Voorbeelden van occulte belasting

     7.24 Jongeren in de gevarenzone

     7.25 Occulte gevaren in het mediacentrum

     7.26 Digitale demonische infiltratie

     7.27 De film van je leven kan snel voorbij zijn…

     7.28 Zie op Jezus!

     7.29 Jezus biedt ons in het Evangelie Zijn vriendschap

 

8. Houd stand in de wapenrusting!

     8.1 Verleidende machten

     8.2 Demonische aanvallen op stad ‘Mensenziel’    

     8.3 Wees waakzaam en radicaal

     8.4 Boosaardige aanvallen op christenen

     8.5 Laat je inspireren door de Heilige Geest!

     8.6 Demonische infiltratie in christenen

     8.7 Boze infiltratie leidt tot geestelijke depressie

     8.8 Boze en goede ingevingen

     8.9 Laat je niet bang maken

     8.10 Ernstige onderdrukking door demonische machten

     8.11 Demonische bezetting van stad ‘Mensenziel’

     8.12 Geloofsgroei en geloofszekerheid zijn nodig

     8.13 Sterker dan de demonen 

     8.14 De bevrijding van Diana 

     8.15 Overwinning door de kracht van het Evangelie 

 

V. Het geestelijk zaaiveld

 9. Religieuze en filosofische verleidingen   

     9.1 Occulte beïnvloeding op het denken

     9.2 Misleidende religieuze leugens

     9.3 Verderfelijke filosofieën

 

10. Psychologische oorlogsvoering    

       10.1 Atheïstische aanvallen door psychologen       

       10.2 Pastorale counseling

       10.3 Gevaren in de psychotherapie

       10.4 Borderline diagnoses

       10.5 Hedonisme en borderline      

       10.6 Oorzaken en gevolgen

       10.7 Gothics in de hulpverlening

       10.8 Gods Woord geeft pastorale oplossingen

       10.9 Goede geestelijke hulpverlening

       10.10 Centrum voor Pastorale Counseling

       10.11 Jongerenpastoraat

 

11. Slangenzaad en Vrouwenzaad

       11.1 Het occulte slangenzaad

       11.2 Het zaad van verleiding

       11.3 De geestelijke toestand in het zaaiveld

       11.4 Let op de gehele mens

       11.5 Geestelijke communicatie

       11.6 De functie van het denken

       11.7 Het positieve denken

       11.8 Het negatieve denken

       11.9. Wat komt er in de akker van je hart?

       11.10 Het principe van zaaien en oogsten

       11.11 Het zaad van recht en vergelding

       11.12 Loren Cunningham: ‘Een zuiver hart’ 

       11.13 Heb je vijanden lief

       11.14 Het zaad van genade en vergeving

       11.15 Heidi Baker: ‘Door liefde gedreven’ 

       11.16 Het Vrouwenzaad en het Evangelie

 

VI. De programmering van het denken 

12. Hoe is ons denken geprogrammeerd?

       12.1 Door input van vroeger

       12.2 Het geprogrammeerde innerlijke leven

       12.3 De (mis)vorming van het geweten

       12.4 De toestand van de natuurlijke mens

       12.5 De innerlijke mens

       12.6 Hoe zijn we op weg naar de oordeelsdag?

       12.7 Op welk innerlijk veld zijn wij actief?

       12.8 Binnenkijken in de software van een jongere – LV

       12.9 Het zaad van negatieve gedachten

       12.10 Godsdienstige twijfelaars

       12.11 Juridisch of medisch denken?  

 

VII. Vernieuwing 

13. De herprogrammering van onze software

       13.1 Wat kan er worden toegevoegd?

       13.2 Dit geeft nieuwe mogelijkheden

       13.3 Het vernieuwde innerlijk

       13.4 Hoe wordt het verplaatst naar het goede veld?

       13.5 De functie van het nieuwe verbond

       13.6 Leef vanuit het nieuwe verbond

       13.7 Hoe worden we geestelijk gevoed?

       13.8 Nieuwe ervaringen en contacten

       13.9 Interne reacties op externe druk

       13.10 Denken, gevoel en wil

       13.11 Belemmeringen en complexen

       13.12 Laat het kinderlijke achter je

       13.13 Groei naar de volwassenheid

       13.14 Gevoelens en geloofszekerheid

       13.15 Gevoelens en geestelijke leiding

       13.16 Pijnlijke herinneringen

       13.17 Kinderlijke gevoelens en persoonlijkheid

       13.18 Beschadigde emoties

       13.19 Herstel bij de Heelmeester

       13.20 Een passieve of actieve wil?

       13.21 Oorlog tegen de heiligen

       13.22 De angst om de controle te verliezen

       13.23 Gevaren bij orthodoxe christenen

       13.24 Passieve en actieve gelovigen

       13.25 Een ongezonde onderwerping

       13.26 Onderlinge verdeeldheid

       13.27 Valse rust of ware vrede?

       13.28 Wettische en angstige geesten

       13.29 Verkeerde tradities en ‘vrome geesten’

       13.30 Gevaren bij evangelische christenen

       13.31 Hoe ontvangen wij kracht van omhoog?

       13.32 Word vervuld met de Geest!

       13.33 Ben je geestelijk een droge kuil?

       13.34 Ben je een vijver met stilstaand water?

       13.35 Ben je een bron van levend water?

       13.36 Afzwakking en versterking van de wilskracht

       13.37 Beschadigde en negatieve gevoelens

       13.38 Bemoedigingen en aansporingen

       13.39 Lopen in de loopbaan van het geloof

 

VII. De weg naar herstel 

14. Herstel van beschadigde emoties

       14.1 Genezing van pijnlijke herinneringen

       14.2 Het ontstaan van negatieve gevoelens

       14.3 Geestelijke welvaartsziekten

       14.4 De geestelijke erfenis vanuit het voorgeslacht

       14.5 Een gekwelde generatie

       14.6 Slachtoffers van de welvaartsgeneratie

       14.7 Crisis in de opvoeding

       14.8 Gevoelens van afwijzing

       14.9 Geen afwijzing… maar acceptatie

       14.10 Let op het liefdevol handelen van Jezus Christus    

       14.11 Afgewezen mensen werden door Jezus opgezocht

       14.12 De goede Herder accepteert vermoeide schapen

       14.13 Persoonlijke ervaringen

       14.14 Bevrijding van een occulte belasting

       14.15 Wachten op instructies

       14.16 Herstel van emotionele beschadigingen 

15. Herstel van depressie en agressie

       15.1 Invalspoortenvoor boze machten

       15.2 Depressiviteit

       15.3 liefdesbanden of angstbanden

       15.4 Liefde overwint

       15.5 Angst en boosheid

       15.6 Kom uit je ommuurde vesting

       15.7 God zoekt het weggedrevene

       15.8 Samen met Jezus ben je oneindig veel waard

       15.9 Een gelovige bruid van Koning Jezus

       15.10 Klimplantje Geloof heeft het hout nodig

       15.11 Herstel mijn eerste liefde

       15.12 Hoe kan jouw Mara worden hersteld?

       15.13 Kom uit je emotionele gevangenis

       15.14 Als er vergeving is, kan er genezing zijn

       15.15 Vergeving voor een misdadiger 

       15.16. Bidden om herstel en genezing

       15.15 Kom biddend tot de Heelmeester! 

   Bronvermelding en literatuur

 

Inleiding 

In dit handboek wordt de nadruk gelegd op de overwinnende kracht van het Evangelie op de occulte machten. 

Jezus Christus is de grote Overwinnaar! 

Er wordt een boekje opengedaan over de misleidende activiteiten van satan in onze tijd. Wat gebeurt er achter de schermen van het wereldgebeuren?

De aangrijpende voorzeggingen vanaf Openbaring 12 worden gelegd naast de huidige ontwikkelingen. Het lijkt wel dat satan de laatste decennia al zijn verleidende kracht in de strijd werpt om de beslissende eindstrijd te strijden. In het digitale tijdperk staan hem de nieuwste uitvindingen ter beschikking. De internetgeneratie beweegt zich op het slagveld van satan…

De actuele gevaren worden in dit boek aan de hand van Gods Woord ontmaskerd. 

De volgende vragen worden beantwoord: 

Waarom worden veel (christelijke) jongeren ingepakt

door popmuziek, occulte shows en films? 

Hoe komen we veilig met onze winkelwagen

door de occulte mediawereldmarkt?

Welke uitwerking hebben voodoo en magie

in onze Westerse samenleving?

Hoe kunnen we door de gave van onderscheid

 de verleidende occulte activiteiten herkennen?

Waarom is voorlichting en voorkompastoraat nodig voor de jongeren?

Op welke wijze kan het jongerenpastoraat worden opgezet

 en door christelijke opvoeders worden uitgeoefend?

 

De demonen van satan zijn uitgegaan tot in de strengste christelijke bolwerken, om de jongeren en zelfs de gelovigen te beïnvloeden.

Tijdens het onderzoek van de schrijver is gebleken dat de toestand waarin de reformatorische en Bijbelgetrouwe christenen verkeren schrikbarend gevaarlijk is! 

De reformator Luther is voor onze kringen weer actueel geworden, wanneer hij ons leert:

‘Vandaag bedreigt de duivel de kerk

met de ergste van alle denkbare vervolgingen:

hij opereert namelijk zonder vervolging

en biedt ontspanning en zekerheid.

Wee ons, die zo door overvloed en welvaart verblind worden,

dat we bij de duivel in de val lopen.’ 

Een groot percentage van de jeugd wordt momenteel meegesleurd in de verleidende rivier van satan. De strijd om de jeugd speelt zich ook binnen de christelijke bolwerken. De vijand is via internetaansluitingen en media volop actief binnen de poorten. De reformatorische en Bijbelgetrouwe (evangelische) christenen worden op het punt van occulte belasting onder de loep genomen. De imiterende duivel heeft zich in christelijke kringen zo occulte mogelijk opgesteld als ‘een engel des lichts’. 

Er wordt gezocht naar de beantwoording van de volgende vragen:

Hoever zijn de demonen al binnengedrongen binnen onze bolwerken?

Op welke wijze proberen boze geesten te infiltreren via de gedachten?

Waaraan kunnen we de werkingen van de Heilige Geest herkennen?

Waaruit blijkt de overwinnende kracht van Jezus Christus?

Waarom is geloof en vernieuwing van denken nodig?

Waardoor ontstaan emotionele beschadigingen en geestelijke problemen, die vatbaar maken voor occulte belasting?

Waardoor is er herstel door het Evangelie en nazorg mogelijk?

Hoe kunnen we staande blijven in de geestelijke wapenrusting?

Door welke weg kunnen wij door Gods genade

een overwinnend christen worden? 

Heel wat aangrijpende ervaringen (wereldwijd en in ons land) worden in dit boek doorgegeven. Hierdoor kunnen we de demonische activiteiten, ook op kerkelijk terrein leren herkennen en bestrijden.

De overwinning door Jezus Christus op de occulte machten wordt door opmerkelijke praktijkvoorbeelden aangetoond. Je ziet hierin dat het bevrijdingspastoraat wereldwijd nog steeds wordt gepraktiseerd.

In dit handboek wordt een aanzet gegeven om het jongerenpastoraat vanuit de christelijke opvoeding door gezin, kerk en school uit te gaan oefenen. Bij dit handboek hoort een werkboek. Bij elkaar vormt het een pastorale cursus voor jongerenwerkers en kerkelijke gemeenten. De nadruk wordt gelegd op voorkompastoraat en nazorg. We moeten zien te voorkomen dat beschadigde christenen vallen in de handen van seculiere, atheïstische psychologen en psychiaters. De activiteiten van deze voorgangers en infiltranten van het kwaad worden in het handboek ontmaskerd. Geestelijke begeleiding van jongeren en pastorale zorg dienen weer in handen te komen van gelovige opvoeders en christelijke psychologen en psychiaters. 

Het wordt nu hoog tijd om binnen de christelijke afbrokkelende bolwerken de strijd aan te binden tegen de occulte machten. 

Een gelovige hoeft geen willoos slachtoffer

 te zijn van de boze machten 

Een gelovige hoeft niet een willoos slachtoffer te zijn van de boze machten en het kwaad dat hem worden opgedrongen. Er is een geestelijke wapenrusting, die moeten aangedaan, om krachtig te kunnen zijn in de Heere en in de sterkte van Zijn macht  (Efeze 6:10-11). Daarbij zijn er ook de geestelijke genadegaven voor de gelovigen, waarover we lezen in 1 Kor.12. Beide facetten worden behandeld. 

In dit boek worden satan en zijn demonen ontmaskerd op macro- en microcosmisch gebied. Van de grote wereldwijde ontwikkelingen kunnen we afleiden wat er veelal verborgen (occult) gebeurt door demonen op kleiner en lager gebied (in de levens van individuen). Wat satan wereldwijd werkt en aanstuurt, werken de demonen op occulte wijze uit in de mensen die zich hiervoor openstellen. Door het wereldwijde gebeuren in dit boek te plaatsen naast de occulte praktijken van de demonen, komt er meer inzicht in de boze opzet van de occulte machten. 

Achter de schermen van het wereldgebeuren is er een satanische organisatie actief, die werkt volgens hiërarchische principes (zie dit in Ef.6:12). In de Bijbel neemt de geestelijke strijd (achter de schermen) een zeer belangrijke plaats in. Je ziet dit duidelijk in de Evangeliën en de Handelingen. Vooral in de pastorale brieven van het Nieuwe Testament en het boek Openbaring zie je dat het ten diepste gaat over de overwinning in de geestelijke strijd. Als de Heere God er een uitermate groot belang in stelt, dienen wij dit ook te doen!

Het is duidelijk dat het in onze misleidende samenleving zeker nodig is om de identiteit en de activiteiten van satan en zijn demonen te herkennen. Zodoende kunnen we ons tijdig wapenen en goed voorbereiden in de geestelijke strijd. In dit boek wordt aangetoond hoe boze geesten aan het werk zijn om zelfs christenen te belasten met twijfel, geloofsangst, valse schuldgevoelens en geestelijke depressie. Aan de andere kant zijn de demonen erop uit om christenen te verleiden tot wetticisme, (kerkelijke) hoogmoed, heerszucht en twistgierigheid. 

Satan wil verdelen en heersen… laat je niet door hem inspireren.

Laat je inspireren door de Heilige Geest!

Jezus Christus leert ons nederigheid en zachtmoedigheid.

Zie op Hem! 

I. De geestelijke wereld 

1. De werkelijkheid van de geestelijke wereld 

Lezen: Hand.17:24-31 

1.1 Let op de geestelijke werkelijkheid

Het is uiterst belangrijk om kennis te ontvangen van de geestelijke, onzichtbare werkelijkheid. De meeste mensen houden hoofdzakelijk zich bezig met de natuurlijke, zichtbare wereld. Door de eeuwen heen is er wel veel belangstelling geweest voor de bovennatuurlijke (paranormale) en geestelijke wereld. Deze interesse neemt in het Westen de laatste tijd zelfs weer toe.

Het is onverstandig als we onze hoop en verwachting stellen op de zichtbare, aardse dingen. Dat is uiteindelijk uitzichtloos. Niemand kan echt gelukkig zijn als hij nog eenmaal ongelukkig kan worden. Als je geen kennis van een hoopvolle toekomst hebt, ben je een ellendig en arm mens. We hebben een hoger doel en een beter perspectief nodig om getroost te kunnen leven en zalig te kunnen sterven. Dit is de wetenschap, de troost en het heerlijk vooruitzicht van antwoord 1 van de Heidelbergse Catechismus. Het is zeker de moeite waard om op verkenning te gaan naar en gelukkig leven en een goede, eeuwige toekomst. Deze hogere kennis en troost kunnen wij slechts ontvangen vanuit de geestelijke, onzichtbare werkelijkheid. 

 Je moet letten op de geestelijke werkelijkheid

 

De wereldwijd bekende Bijbelleraar Derek Prince (1915-2003) leert ons: ‘De krachten die de geschiedenis bepalen, vallen in twee categorieën: zichtbare en onzichtbare. Het is de wisselwerking tussen deze gebieden, die de loop van de geschiedenis bepaalt.’ Hij geeft aan, dat wij van tijd tot tijd worden geconfronteerd met gebeurtenissen en situaties, die wij niet volledig kunnen verklaren of beheersen. Veel mensen willen zich veilig voelen in het materiële zichtbare universum. De grenzen van hun bewustzijn reiken niet verder. Zij kunnen zich wel veilig wanen in een vertrouwde omgeving, maar de werkelijkheid van het bestaan kun je niet ontlopen. Het is van levensbelang dat je de eeuwige gevolgen van je leven op aarde tijdig onder ogen ziet. In de tijd vallen de beslissingen voor de eeuwigheid. De tijdelijke gevolgen van oppervlakkige keuzes kunnen ook veel persoonlijke schade opleveren. Door zondige keuzes kunnen wij ons op aarde al ongelukkig maken. Door risicogedrag geven wij openingen aan onzichtbare duistere machten om ons leven binnen te komen en ons te beschadigen. Daarom is het belangrijk dat we de geestelijke principes onderzoeken en kennen.

 

Atheïsten en communisten willen alleen maar weten van de dingen die je kunt zien en met je verstand kunt verklaren. Zij geloven in het wetenschappelijk materialisme.

 

Ik vernam dat een communistische onderwijzer in een klas eens verklaarde: ‘Alles wat je ziet bestaat.’ Hij zei tegen de leerlingen: ‘Kijk maar naar buiten. Wat zien jullie?’ ‘Kijk daar,’ ging hij verder, ‘ik zie een boom… dus de boom bestaat. En in de boom zie ik een vogel… dus de vogel bestaat ook.’ Zo dacht hij het bewijs te hebben gegeven. Maar een leerling was hem te slim af. Hij reageerde naar de klas toe: ‘Wat zien jullie voorin de klas?’ Ze antwoordden hem: ‘We zien de leraar.’ ‘Mooi,’ ging de leerling verder, ‘dus de leraar bestaat. Ik zie dat de leraar een bril op heeft; dus de bril bestaat ook. Maar ik zie geen verstand… dus de leraar heeft geen verstand!’

 

1.2 Ons leven heeft een hoger doel

God openbaart juist de verborgen geestelijke zaken in Zijn Woord. In Hand.17:24-29 lezen we dat Hij alles gemaakt en bepaald heeft. Uit Hem komen wij voort, door Hem en in Hem leven wij. Wij zijn geen doel op zichzelf. Ons leven heeft een hoger doel en een werkelijke bestemming. Wij zullen eenmaal rechtvaardig geoordeeld worden door Jezus Christus (vers 31). Onze eeuwige bestemming heeft te maken met wat we in het aardse leven doen, verlangen en zoeken. God komt gelukkig nog tot mensen met Zijn Woord en Zijn reddend Evangelie. Waarom? We lezen hierover in Hand.17:27: ‘Opdat zij de Heere zouden zoeken, of zij Hem immers tasten en vinden mochten; hoewel Hij niet ver is van een ieder van ons.’ Hij komt in Zijn genade tot ons in Jezus Christus. Hij geeft ons licht, leven en onvergankelijk geluk.

Zonder Gods openbaring blijven de mensen onwetend van het werkelijke leven in de onzichtbare wereld. Het dodelijk gif van de zonde en de bedwelmende poeder van de onwetendheid zorgen ervoor dat velen voor eeuwig verloren gaan. We zijn zeer bevoorrecht als we het Woord van God hebben. Zoek daarom het ware geluk in deze openbaring van God. God heeft hierin het goede met ons voor. We lezen hierover in Hand.17:30: ‘God dan, de tijden der onwetendheid overzien hebbende, verkondigt nu alle mensen alom, dat zij zich bekeren.’ 

 

Als we op verkenning gaan in het Woord van God, kunnen we de geheimen van de geestelijke wereld leren kennen. Hierin ontdekken we dat Jezus de Deur is tot het eeuwige geluk. Hij is de Weg, de Waarheid en het Leven. Als we door het geloof op Jezus leren zien, komt het geluk ons tegemoet. Dan hebben we pas echt perspectief en een hoopvolle toekomst. Dan vinden we bij Hem troost in de moeilijke omstandigheden van het leven. Paulus zegt in 2 Kor.4:16 dat hij daarom in de verdrukkingen de moed niet verliest. In vers 18 verklaart hij ons de sleutel van dit geheim: ‘Wij houden onze ogen immers niet gericht op de dingen die men ziet, maar op de dingen die men niet ziet; want de dingen die men ziet, zijn tijdelijk, maar de dingen die men niet ziet, zijn eeuwig.’

 

Derek Prince leert ons dat de Bijbel een deur opent naar een onzichtbaar gebied, dat niet materieel, maar geestelijk is. Hij vervolgt: ‘De krachten die in dit gebied werkzaam zijn, oefenen een voortdurende en beslissende invloed uit op gebeurtenissen in het zichtbare gebied’ (2 Kor.4:17-18). Hij verklaart ons verder: ‘De dingen die tot het zichtbare behoren, zijn tijdelijk en voorbijgaand. Alleen in het gebied van het onzichtbare kunnen we waarachtige en blijvende werkelijkheid vinden. Het is ook in dit gebied dat wij de krachten ontdekken, die uiteindelijk onze bestemming bepalen, zelfs in het zichtbare gebied.’

 

Derek Prince geeft in zijn boek aan dat zegeningen en vloeken instrumenten van bovennatuurlijke, geestelijke machten zijn.

Een vloek is ook de afwezigheid van Gods zegen en bescherming (die wij niet kunnen missen in ons leven). Door zonde en onwetendheid kun je komen op gevaarlijke demonische terreinen, waar Gods zegen en bescherming niet aanwezig is. Je kunt dan komen onder een vloek. Door geloof en bekering ben je door Gods genade onder Zijn zegen. De boze machten hebben dan geen vat op je. Zorg er daarom voor dat je veilig leeft en dat je weet wat er omgaat in de onzichtbare wereld, die jou wil beïnvloeden.

 

1.3 Beproef de geesten

Vanuit de geestelijke wereld worden we geïnspireerd, geïndoctrineerd, gestimuleerd en gemotiveerd. Dit kan gebeuren door de Heilige Geest of door satan en zijn demonen. Satan en zijn boze geesten werken occult (= verborgen), met leugens en bedrog. Zij maken de geestelijke zaken duister, mystiek, geheimzinnig en mistig. Zij willen ons misleiden en ten onder brengen. Deze machten van de duisternis willen de mensen in duisternis en geestelijke onkunde houden.

 

In dit pastorale handboek wordt ‘de gave der onderscheidingen van de geesten’ (1 Kor.12:10) aan de orde gesteld. Hierdoor kun je de goede geesten van de duivelse geesten onderscheiden. De gave van de onderscheidingen of beoordelingen van geesten is ook een gave waardoor men de werking van de boze geesten ontmaskert (zoals bij occulte belastingen). Het is een gave die je per geval en per situatie van God kunt ontvangen als het nodig is; het meervoud ‘onderscheidingen’ ziet hier namelijk op.

 

Volgens 1 Joh.4:1 moeten we de geesten beproeven of toetsen, of zij uit God zijn, en niet iedere geest zomaar geloven. We worden vermaand: ‘Geliefden, gelooft niet iedere geest, maar beproeft de geesten, of zij uit God zijn, want vele valse profeten zijn uitgegaan in de wereld.’ In de Studiebijbel wordt bij deze tekst aangegeven, dat de menselijke geest ‘op tweeërlei manieren geïnspireerd kan zijn: door een demonische geest of door de Heilige Geest’.

In 1 Joh.5:2-3 lezen we: ‘Hieraan onderkent u de Geest van God: elke geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God. En alle geest, die niet belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is uit God niet; maar dit is de geest van de antichrist, van welke geest u gehoord hebt, dat hij komen zal, en hij is nu reeds in de wereld.’

We hebben te maken met de antichristelijke geesten, die ook nu in de wereld zijn. Het is opvallend dat er in vers 2 het Griekse woord ‘pneuma’ staat voor zowel ‘geest’ (gezindheid) en als ‘persoon’. De Studiebijbel verklaart: ‘Inspiratie door een bepaalde bron (God of de tegenstander) houdt in dit geval tevens identificatie in.’

Dit is een belangrijk gegeven. Achter toonaangevende machthebbers, geestelijke denkers en inspirerende personen kunnen zich demonische machten verschuilen. Dit wordt verderop in het boek aangetoond. In de Studiebijbel wordt bij vers 3 aangegeven, dat de antichrist als een toekomstige figuur wordt gezien, maar vele ‘voorlopers’ kent en dat zijn ‘geest’ nu reeds in de wereld aanwezig is. De gezindheid en het karakter van de antichrist dient te worden ontmaskerd door de gelovigen. We moeten de identiteit en de activiteiten van satan en zijn demonen leren herkennen. Anders worden we op een occulte wijze verleid en ingepakt door ‘de god van deze eeuw’ (2 Kor.4:4).

De god van deze eeuw verblindt de gedachten van de ongelovigen, zodat de verlichting van het Evangelie hen niet zou bestralen. Het Griekse woord voor eeuw (‘aion’) ziet niet alleen op een tijdperk, maar ook op ‘een gedachte’. Verder in dit boek komt dit aan de orde. De gedachten van satan waren Paulus niet onbekend. We lezen in 2 Kor.2:11 in de Willibrord Vertaling: ‘Wij moeten de satan geen kans geven ons de baas te worden; wij kennen zijn streken maar al te goed.’ In het Grieks staat er: ‘Opdat niet wij uitgebuit/benadeeld worden door de satan.’ Het werkwoord ‘pleonekteō’ betekent daarbij ook ‘oplichten’.

Laat je niet oplichten, benadelen of uitbuiten door de boze verleider, maar onderken zijn snode, occulte plannen en gedachten.

 

We worden verder onderwezen in 1 Joh.4:4-6 (uit de Herz. St.vert): ‘Lieve kinderen, u bent uit God en u hebt hen overwonnen, want Hij Die in u is, is groter dan hij die in de wereld is. Zij zijn uit de wereld; daarom spreken zij uit de wereld, en de wereld luistert naar hen. Wij zijn uit God. Wie God kent, luistert naar ons. ; wie niet uit God is, luistert niet naar ons. Hieraan herkennen wij de Geest van de waarheid en de geest van de dwaling.’

Johannes spreekt tot jongelingen, die de door de duivel geïnspireerde mensen hebben overwonnen. De antichristelijke dwaalleraars zijn echter populair bij de wereldse mensen. Het blijkt zeker ook uit de laatste decennia dat ze succes hebben in de afvallige wereld.   

 

                                                                                   Lezen: Hebr.11

1.4. Het geloof maakt het zichtbaar

Volgens Hebr.11 komt het zichtbare voort uit wat wij niet zien. Het geloof verwezenlijkt en bewijst de dingen die we niet zien. We lezen hierover in Hebr.11:1: ‘Het geloof nu is een vaste grond van de dingen, die men hoopt, en een bewijs van de zaken, die men niet ziet.’ In een Engelse vertaling lezen we over het geloof:

’Faith gives substance to our hopes, and makes us certain of realities we do not see.’ Als we geloven wordt de onzichtbare, geestelijke wereld dus realiteit voor ons. Het geloof overtuigt ons van de werkelijkheid van de onzichtbare dingen.

Het geeft ook een vaste grond voor onze hoop. Het anker van onze hoop ligt dan vast in de werkelijkheid en de waarheid van de geestelijke wereld, zoals die ons is geopenbaard in het Woord van God. Het geloof hecht zich hieraan vast. Het geloof levert een overtuigend bewijs. Het Griekse woord ‘elegchos’ ziet op een demonstratie.

 

1.5 Het geloof activeert

De geloofsgetuigen in Hebr.11 hebben het mogen zien en ook laten zien. Zij zagen meer op de onzichtbare werkelijkheid dan op de aardse zaken en omstandigheden. Dit geloof is hen ook tot gerechtigheid gerekend. Dit kun je duidelijk zien de het leven en de keuzes van Abraham en Mozes. Zij hielden gelovig vast aan Gods Woord, aan Zijn opdrachten en beloften. Zie verder in Rom.4:16-22 hoe dit geloof Abraham tot rechtvaardigheid is gerekend.

We leren verder in Hebr.11:6: ‘Maar zonder geloof is het onmogelijk God te behagen. Want die tot God komt, moet geloven, dat Hij is, en een Beloner is van hen, die Hem zoeken.’ In de eerste plaats moet je dus geloven dat God bestaat. Dat God bestaat hoort tot de onzichtbare werkelijkheid (zie: Rom.1:20 en 1 Tim.1:17). Door het geloof zag Mozes de Onzienlijke (Hebr.11:27). Daardoor werd hij geactiveerd en moedig om Egypte te verlaten.

Door het geloof wordt iemand actief. In de geestelijke strijd zijn de boze geesten er juist op uit om ongeloof en twijfel in de hand te werken. Door ongeloof en twijfel worden mensen veelal passief. Je bent dan meer vatbaar voor moedeloosheid, boze ingevingen en verleidingen. Als jij het niet meer weet en niet meer ziet zitten, kunnen leugenachtige geesten vat op je krijgen. Als je gaat twijfelen aan de werkelijkheid en waarheid van de geestelijke dingen, kom je geestelijk in de duisternis.

Je moet volgens Hebr.11:6 ook geloven dat God ‘een Beloner is van wie Hem ernstig zoeken’. Ons geloof rust op de waarheid van Gods Woord, dat God zal doen wat Hij belooft. Klamp je daarom voortdurend vast aan Gods betrouwbare beloften!

 

1.6 Jezus Christus brengt het aan het licht

De verwezenlijking, de demonstratie en het bewijs van Gods waarheid vinden we in Jezus Christus. Hij leert ons in Joh.14:6: ‘Ik ben de Weg, en de Waarheid, en het Leven. Niemand komt tot de Vader, dan door Mij.’

Jezus heeft de onzichtbare, geestelijke werkelijkheid aan het licht gebracht. Hij leert ons de waarheid over God en de weg naar God. Door het geloof in Hem ontvangen wij het werkelijke, gelukzalige leven. Dit wordt ons duidelijk verklaard in Johannes1. Jezus Christus is een machtige manifestatie van Gods wezen. Door Hem kunnen wij de werkelijkheid onder ogen zien en worden wij door de waarheid van God bevrijd.

We lezen ervan in Joh.1:14: ‘En het Woord is vlees geworden, en heeft onder ons gewoond (en wij hebben Zijn heerlijkheid aanschouwd, een heerlijkheid als van de Eniggeborene van de Vader), vol van genade en waarheid.’

 

1.7 Door het geloof in Jezus verstaan wij de waarheid

Wij kunnen door het geloof in Jezus Christus de waarheid verstaan en deze de waarheid zal ons vrijmaken (Joh.8:31-32).

In Joh.1:5 lezen we: ‘En het Licht schijnt in de duisternis, en de duisternis heeft het niet begrepen.’ Als iemand de werkelijkheid en de waarheid van de geestelijke wereld niet onder ogen wil zien, zal hij in de duisternis blijven.

Als we door het geloof Jezus mogen zien, worden onze ogen ook geopend voor de hemelse Vader. Jezus verklaart in Joh.12:45: ‘En die Mij ziet, die ziet Hem, Die Mij gezonden heeft. In vers 46 gaat Hij verder: ‘Ik ben een Licht, in de wereld gekomen, opdat een ieder, die in Mij gelooft, niet in de duisternis blijft.

In de Studiebijbel wordt bij Joh.12:35 verklaard, dat de duisternis een vijandige macht tegenover God is, die mensen overvalt. ‘Hier wordt de duisternis gezien als een vijandig machtsgebied, waarin mensen voortdurend ronddwalen. Zij kunnen eruit bevrijd worden door het licht te volgen.’ Als we door het geloof in het licht wandelen, laten we ons leven door Jezus Christus bepalen.

 

 

 

II. Geestelijke confrontatie

 

 

2. Het Licht schijnt in de duisternis

 

Principe 2:

Het Licht is sterker dan de duisternis

     

Lezen: Joh. 1:1-18

 

In Joh.1:1-18 lezen we dat het Woord vlees is geworden en dat het Licht in de duisternis schijnt. Als je de teksten over het licht en de duisternis in Gen.1, Joh.1 en 1 Joh.1 naast elkaar legt, zie je opmerkelijke overeenkomsten. In 1 Joh.1:5 wordt ons verklaard ‘dat God een Licht is, en gans geen duisternis in Hem is’.

Jezus Christus is het Licht der wereld. Hij is ook het Leven, dat in het Woord is. Het Leven in het Woord is het licht voor de mensen geworden. Het licht is in de Bijbel een beeld voor geluk, voorspoed, vreugde, heil en redding.

 

2.1 Een confronterend Licht

Dit boek gaat over de geestelijke strijd tussen het Licht en de duisternis. Deze strijd speelt zich af boven ons, om ons heen en in ons hart. Gevallen zondaren verkiezen helaas het de duisternis boven het Licht. Het ware Licht is echter sterker dan de duisternis! Licht en duisternis kunnen niet samengaan. Jezus Christus, het Licht van de wereld, is op een confronterende wijze in de zondige, duistere wereld gekomen.

 

Ik wil nu duidelijk maken en illustreren wat het Goddelijk licht bewerkt in het leven van een gelovige. Het wordt tot stand gebracht door het Woord van God en door het bevrijdende werk van Jezus Christus.

Op de tekening zie je uitgebeeld wat we lezen in Johannes 1.

 

 

 

 

 

 

 

2.2 Een genadig, liefdevol handelen van God

Alles begint bij God en komt door openbaring of bekendmaking tot ons. Christus kwam in de wereld als het levende Woord van God. Het Evangelie kwam dus vanuit de hemel naar de aarde. Dit is een genadig handelen van God.

We lezen over de weergaloze liefde van God voor de wereld in Joh.3:16: ‘Want alzo  lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem gelooft, niet zal verderven, maar het eeuwige leven zal hebben.’ Het Griekse woord voor wereld is hier ‘kosmon’. Dit komt van het begrip ‘kosmos’ en er wordt mee bedoeld ‘de zondige, van God vervreemde mensenwereld’. Volgens de bekende Engelse prediker J.C. Ryle (1816-1900) is ‘de liefde waarvan hier gesproken wordt niet de speciale liefde waarmee de Vader Zijn eigen uitverkorenen aanziet, maar een geweldig medelijden en het begaan zijn met het hele menselijk geslacht’. Ryle verklaart ons verder: ‘God had de wereld zo lief, dat Hij Zijn Zoon gaf om een Zaligmaker te zijn voor allen die geloven. Zijn liefde wordt aan iedereen vrijelijk, volledig, eerlijk en zonder voorbehoud aangeboden. Maar die liefde is alleen te verkrijgen via het enige kanaal van Christus’ verlossing. Degene die Christus verwerpt, snijdt zichzelf af van Gods liefde en zal eeuwig omkomen.’

 

2.3 Ontvang het Licht!

In Joh. 1:5 lezen we dat de duisternis het Licht niet heeft ‘begrepen’. De Griekse woorden ‘ou kat-elaben’ moeten in verband worden gebracht met ‘heeft Hem niet gekend’ (vs. 10b), ‘hebben Hem niet aangenomen’ (vs. 11b), en moeten we vertalen met ‘heeft het niet opgenomen’, heeft het niet gegrepen’. Met deze werkelijkheid (realiteit) hebben we te maken als het Evangelie tot ons en andere ‘kerkmensen’ komt.

Als het Woord van God tot ons komt, komen we onder de afgebeelde lichtbundel (zie vers 9). Hij is gekomen tot het Zijne, en de Zijnen (vers 11). Toch hebben de meeste Joden en ook (naam)christenen Hem niet aangenomen. Door genade dienen we het Licht te erkennen en te aanvaarden. Daartoe worden we in Gods Woord duidelijk opgeroepen. Vanuit de Griekse grondtekst betekent ‘aannemen’ in de verzen 11 en 12  ‘Hem als gast ontvangen en opnemen, om tot een blijvende gemeenschap te komen’. We dienen de Heere Jezus als Zaligmaker en Koning te erkennen en te aanvaarden in ons leven!

 

2.4 Gods licht en liefde schijnen

Wellicht ken je ook het volgende wereldwijd bekende lied:

 

                                   Heer’, Uw licht en Uw liefde schijnen,

                                   Waar U bent zal de nacht verdwijnen.

                                   Jezus, Licht van de wereld, vernieuw ons,

                                   Levend Woord, ja, Uw waarheid bevrijd’ ons.

                                   Schijn in mij, schijn door mij…

 

Zoals je ziet op de afbeelding heeft de lichtbundel van Gods Woord twee kanten van uitwerking. Het gaat daarin ook over ‘wet en Evangelie’, ontdekking van schuld en gebrek, met pijltjes naar ‘vergeving en genezing’. Het ziet op een proces, dat de Heere werkt in het hart en leven van een gelovige.

Herken je het ook in je eigen leven?

 

2.5 Hoe worden zonden vergeven?

Hoe kunnen zonden worden vergeven en ‘overwonnen’?

Vergeven betekent eigenlijk ‘ver-wèg-geven’. In de afbeelding zie je hoe de schuld wordt verplaatst van het ontdekkende licht naar de liefdevolle vergeving in de Heere Jezus Christus. Als we onze zonden belijden (aan het licht brengen) zullen ze door Gods genade worden vergeven. Zij worden dan onder het reinigend bloed van Christus gebracht.

 

De christenen onder de lichtbundel zijn niet allemaal gelovigen. Alleen zij die het innerlijk proces van verplaatsing hebben meegemaakt en herkennen, zijn vrijgemaakte gelovigen. De anderen zijn wel onder dezelfde verkondiging van het Evangelie, maar kennen (nog) niet de innerlijke beleving. Er zijn er die het in geringe mate hebben ervaren en nog veel te worstelen hebben met geloofstwijfel. We hopen dat ze meer helderheid krijgen en ook de warmte en liefde van het verlossende Evangelie meer en meer zullen gaan beleven.

 

2.6 Hoe komt er genezing en herstel?

Onder de lichtbundel vindt ook het proces van gebrek naar genezing plaats.

Jezus Christus is als de hemelse Geneesheer tot ons gekomen om te genezen en te helen. Dit gaat over beschadigde emoties, negatieve gevoelens, psychische problemen, ziekten, zwakheden en andere zaken in ons liefde die herstel nodig hebben.

Zoals je ziet in de getekende lichtbundel, heeft het bekerings- en genezingsproces duidelijk te maken met ‘verplaatsing’. Door de werking van de Heilige Geest en het  geloof worden de negatieve zaken verplaatst naar het medische gedeelte van liefde, genade, vergeving en heling.

 

            2.7. Laat de lichtbundel verder schijnen!

            De lichtbundel is gelukkig ook uit te breiden. Dit bepaalt ons bij onze hoge roeping!

      Buiten de lichtbundel heerst de duisternis. Het werk van verkondiging, zending en evangelisatie wordt tot uiting gebracht in de afbeelding.

      Je ziet hierop ook het verschil tussen ‘aanlokken’ en ‘opleggen’. Wat zal de uitwerking zijn van ‘het aan de haak slaan van zondaren’? Dit gebeurt min of meer ‘met de wet in de hand’. Dit zal ook met de liefde en bewogenheid van Jezus moeten gebeuren. Paulus wist van de vrees van of voor de Heere, in de betekenis van ‘ontzag’, ‘eerbied’ en ‘respect’ in de tegenwoordigheid van een streng, maar rechtvaardig Rechter. Daarom bewoog hij de mensen tot geloof. Hij probeerde de mensen te overtuigen. (Zie 2 Kor.5:11.)

      We mogen de mensen in de duisternis gelukkig ook op een positieve wijze liefelijk nodigen in woord en daad. Persoonlijk denk ik dat dit effectiever is. Zondaren worden veelal door de liefde getrokken en op geestelijke wijze verbroken van hart. Hier zijn genoeg (bijbelse) voorbeelden van bekend. In beide gevallen gaat het erom dat ze het voorgestelde proces binnen de lichtbundel zullen gaan beleven.

 

      2.8 Een goede uitwerking door Jezus Christus!

      Het licht en de liefde van God zal door de werking van de Heilige Geest een goede uitwerking hebben in het hart van de gelovige!

      Hier is voor alles nodig dat we de Heere Jezus Christus de mensen helder en duidelijk voorstellen. Hij is het Licht der wereld. Hij verlicht ons en door Hem wordt het goede uitgewerkt in ons leven. Zijn licht geeft ons inzicht en uitzicht.     

      Zijn liefde geeft een innerlijke warmte en een heerlijke vreugde.

      Hij zegt het ook tot ons in Joh.8:12: ‘Ik ben het Licht der wereld; die Mij volgt, zal in de duisternis niet wandelen, maar zal het licht van het leven hebben.’

 

 

 

3. De waarheid en de leugen

     

Principe 3: De Waarheid verdrijft de leugen

 

Lezen: Joh. 3:16-21, 31-36 en 1 Joh.1

Licht verdrijft de duisternis. Zo is het ook bij de waarheid: de geopenbaarde waarheid verdrijft de leugen. Daarbij verdrijft het geloof de twijfel. We lezen in Joh.3:21: ‘Maar die de waarheid doet, komt tot het licht, opdat zijn werken openbaar worden, dat zij in God gedaan zijn.’

Het licht van Gods Woord brengt ons tot de waarheid. Jezus Christus, het Licht van de wereld, is de Weg, de Waarheid en het Leven (Joh.14:6). Als wij de waarheid van Jezus zullen kennen en verstaan, zal deze ons vrijmaken (Joh.8:32).

 

 

3.1 De duisternis en de leugen

We lezen in Joh.3:19-20: ‘En dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is, en de mensen hebben de duisternis liever gehad dan het licht; want hun werken waren boos. Want een ieder, die kwaad doet, haat het licht, en komt tot het licht niet, opdat zijn werken niet bestraft worden.’

Vanuit de Griekse grondtekst lezen we dat de mensen de duisternis meer liefhadden dan het licht. Het woordje ‘mallon’ (‘meer’) duidt in het Grieks een absolute keus aan.

 

De duisternis brengt ons de leugen van satan en zijn demonen. Jezus sprak tot de ongelovigen Joden, dat zij uit de vader de duivel waren en de begeerten van deze vader van de leugen wilden doen (Joh.8:44).

Het gaat in het geestelijk leven van een mens ten diepste over het geloven van de waarheid of de leugen. Satan is de mensenmoordenaar van den beginne, de vorst van de duisternis en de aartsleugenaar (lees Joh.8:44).

Door niet te geloven, onze zonden niet in te zien en deze niet eerlijk aan het licht te brengen (te belijden), maken we God tot een leugenaar, en Zijn Woord is dan niet in ons (zie 1 Joh.1:10).

De waarheid van het Evangelie overwint de leugen! We zien dit duidelijk gebeuren in de zendingsgeschiedenis.

 

3.2 Watchman Nee en het overwinnend Evangelie

 

Leerzame geschiedenis

 

In de levensbeschrijving van de bekende Chinese prediker Watchman Nee komen we een wonderlijke geschiedenis tegen. Hierin zien we duidelijk de overwinning van het Evangelie van Jezus Christus op een occulte macht. Het gebeurde in januari 1925. De wereldwijd bekende schrijver Watchman Nee was toen samen met zes andere jonge evangelisten in het dorpje Mei-wa, aan een met eilanden bezaaide riviermonding. Het was daar een oord van heidense duisternis, waar het Evangelie nog niet was doorgedrongen. Ze vonden tijdelijk onderdak op de zolder van het huis van een vriendelijke drogist. Er waren lawaaierige feestelijkheden ter ere van de afgod Ta-Wang (Grote Koning) en ter gelegenheid van zijn jaarlijkse grote feestdag. In de aanloop naar deze grote feestdag waren er allerlei activiteiten, waaronder ceremoniële bezoeken, voorouderverering, dobbelen en offeranden aan de verschillende huisgoden. De mensen wilden daarom ook niet luisteren naar de boodschap van de jonge evangelisten. Een jonge evangelist, Li Kwo-tsjing, vroeg ongeduldig op de negende dag van de feestelijkheden aan de mensen: ‘Wat is er met jullie aan de hand? Waarom geloven jullie niet?’ Er werd gezegd, dat hun eigen god, Ta-Wang, volkomen betrouwbaar was. Zijn grote feestdag zou dit jaar op de elfde plaatsvinden. Deze datum was vastgesteld door waarzeggerij. In de afgelopen 286 jaar had hun god altijd voor mooi weer gezorgd op deze dag, die hij zelf uitkoos.  Li riep toen uit in zijn jeugdige vurigheid: ‘Dan beloof ik jullie, dat onze God, Die de enige ware God is, het zal laten regenen op de elfde.’

De toehoorders namen deze uitdaging aan, door te zeggen: ‘Afgesproken, als het op de elfde regent, dan is jouw Jezus inderdaad God, dan zullen we naar Hem luisteren.’

Watchman was er niet bij en schrok toen hij het achteraf hoorde. Hij vond dat de eer van de Heere is de waagschaal was gesteld, omdat ze Hem tot iets verplicht hadden.

 

Op de zolder, waar ze verbleven, zochten ze de Heere in grote nederigheid in gebed. Daarbij kwam het woord tot Watchman: ‘Waar is de God van Elia?’

Dit was voor hen de verzekering dat God het zou doen regenen op de elfde. We lezen in Jak. 5:17-18: ‘Elias was een mens van gelijke bewegingen als wij; en hij bad een gebed, dat het niet zou regenen; en het regende niet op de aarde in drie jaren en zes maanden. En hij wederom, en de hemel gaf regen, en de aarde bracht haar vrucht voort.’

Het was zo’n duidelijke bevestiging van de Heere, dat ze het alom bekend gingen maken, dat het op de elfde zou regenen.

Aan de voorspelling van mooi weer op de grote feestdag van Ta Wang zat iets voorspelbaars. De helft van de bevolking bestond uit vissers, die veel op zee waren. Zij konden op gemak het weer enkele dagen van te voren voorspellen.

Op de elfde sliepen ze uit. Watchman werd gewekt door de zonnestralen die door het dakvenster naar binnenschenen. Het was al zeven uur geweest. ‘Het regent niet,’ riep hij uit. Hij knielde daarna neer en bad: ‘Heer, geef ons alstublieft regen.’ Weer hoorde hij duidelijk de woorden: ‘Waar is de God van Elia?’

Toen ze na een tijdje aan de ontbijttafel zaten, was er nog geen wolkje aan de lucht. Toen hij om een zegen voor het eten vroeg, bad Watchman; ‘Het is nu tijd, het moet nu gaan regenen. We mogen de Heer er nu aan herinneren.’

Voordat ze amen gezegd hadden, hoorden ze de eerste druppels op het dak vallen. Tijdens het eten van hun rijst, regende het flink. Bij de tweede kom rijst, stelde Watchman Nee voor om de Heer opnieuw te danken en te vragen om een zwaardere regenval. Terwijl ze hun tweede kom leeg aten, plensde het van de regen. Tegen de tijd dat ze klaar waren met eten, stonden de straten al blank. Het water was toen al gestegen tot voorbij de drie treden van het trappetje naar de deur van de drogisterij.

 

Bij het begin van de regen hadden al enkele jongere dorpsbewoners openlijk gezegd: ‘Dat is God. Ta-Wang is geen god meer. De regen heeft hem binnen gehouden.’ De echte aanhangers probeerden de feesttocht toch nog op gang te zetten. Ze plaatsten de afgod op zijn draagstoel en kwamen met hem naar buiten. Toen begon het echter te gieten. Na enkele meters struikelden verschillende dragers en viel Ta-Wang op de grond; daarbij brak hij zijn kaak en zijn linkerarm. Zo goed en zo kwaad als het ging repareerden ze hem en gingen ze toch door met de processie. Al glijdend en struikelend werd hij nog enkele straten versleept, maar toen maakte de vloed er een einde aan. Sommige van de dorpsoudsten, van zestig tot tachtig jaar oud, waren uitgegleden en bevonden zich in grote moeilijkheden.

Daarna volgde de afkondiging: ‘Vandaag is het de verkeerde dag. Het feest moet op de veertiende, om zes uur ’s avonds plaatsvinden.’

De evangelisten vroegen de Heere om regen op de veertiende, terwijl het de dagen daarvoor mooi weer zou zijn. In de drie volgende dagen gaf God hen meer dan 30 bekeerlingen in Mei-wa en omgeving.

Op de veertiende hebben ze tegen de avond nog tot de Heere gebeden, om Zijn belofte te vervullen. We lezen verder in het verslag: ‘Zijn antwoord kwam geen minuut te laat, in de vorm van plensbuien, die gepaard gingen met overstromingen, juist zoals de vorige keer. Satans macht, gemanifesteerd in deze afgod, was gebroken. Ta-Wang zou nooit meer de plaats innemen, die hij tot nu toe bekleed had.’

‘De zending, die verantwoordelijk was voor het gebied, nam de zorg voor de nieuwe gelovigen op zich.’    

 

3.3 Herken en bestrijd boze misleiders

Het zal duidelijk zijn dat de duivel ook aan onze deur bezig is. Hij staat als de nabootser, als een engel van het licht, ook aan de deur van ons denken. Zodra je deze deur maar op een kier zet, komen zijn verderfelijke invloeden al binnen. Er zijn veel ervaren en gespecialiseerde demonen, die je kunnen beïnvloeden op je zwakke punten. Op het moment dat je gehoor geeft aan deze influisteringen, geef je er al meer ruimte voor. Op den duur gaat het steeds meer je denken bezetten. Je wil stemt ermee in… en de zonde is bewust in je leven gekomen. De besmetting kan zich nu gaan uitbreiden. Het wordt dan steeds moeilijker om de deur naar deze demonische invloeden toe te sluiten.

 

Hannah Whitehall Smith verklaart ons: ‘Er bestaan stemmen van boze en misleidende geesten; ze liggen op de loer om elke reiziger in de val te lokken, die de hogere regionen van het geestelijk leven binnenkomt. Dezelfde brief die ons vertelt dat we in Christus gezeten zijn in de hemelse gewesten (zie Ef.1:20-21), vertelt ons ook dat we tegen geestelijke vijanden moeten vechten (zie Ef.6:10-20). Deze geestelijke vijanden, wie of wat ze ook mogen zijn, communiceren noodgedwongen met ons via onze geestelijke vermogens. Net als Gods stem is hun stem een innerlijke indruk, die ze op onze geest maken. Dus, net als de Heilige Geest ons een indruk geeft van Gods wil met ons, zo geven deze geesten ons een indruk van hun wil, ook al hechten ze daaraan natuurlijk niet hun naam.’

 

Hal Lindsey heeft het in zijn boek ‘satan leeft onder ons’ over ‘manipulators van de geest’. Hij heeft er een hoofdstuk aan gewijd. Hij schrijft over satan: ‘Hij is de indringer (…), die zijn ontvanger diep in elk mensenhart heeft geplant. Die ontvanger heet ‘vlees’ of de zondige natuur.

Via het enorme tot in de finesses georganiseerde wereldsysteem, dat onder zijn beheer staat, flitst hij zijn boodschappen onze geest binnen. Daarom zegt God tegen ons: ‘Want de wapenen van onze veldtocht zijn niet vleselijk, maar krachtig voor God, tot het slechten van bolwerken. Want wij hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van deze duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten ( 2 Kor. 10:4, Ef.6:12).’

Het is niet met extreme gewelddadigheid alleen dat satan werkt, zijn controle over de gedachtesfeer in het wereldsysteem is dodelijker dan het koude staal van een vuurwapen in de rug.’

Lindsey  heeft ontdekt dat satan veel succes heeft geboekt, door voortdurend christenen van het godvruchtig levensinzicht af te lokken in zijn web van leugens. Hij verklaart ons verder: ‘Wij worden van alle kanten gebombardeerd, ondermijnd door filosofie, onderwijs, vormen van beeldende kunst, muziek, massamedia, stijl- en modesoorten, waarmee het wereldsysteem ons in zijn poel zal werpen, tenzij wij begrijpen hoe er aan ons wordt getrokken en waar wij kunnen struikelen.’

 

Volgens de invloedrijke Amerikaanse psycholoog B.F. Skinner is ‘de vrije wil van de mens’ een waanbeeld. Hij onthult dat de mens ‘alreeds wordt gecontroleerd door invloeden van buitenaf’.

Bijbelgetrouwe christenen weten dat de mens van nature een vrije wil tot het kwade heeft. God heeft bij de wedergeboorte de wil van de gelovige vernieuwd.

 

Het verstand moet worden verlicht

 

In de Dordtse Leerregels, H. 3 en 4, art. 11, lezen we dat de Heilige Geest het verstand van de gelovigen ‘krachtig verlicht’, waardoor zij de dingen die van de Geest van God zijn zouden verstaan en onderscheiden. De geestelijk dode en boze wil wordt levend en goed gemaakt. De gelovige wil nu gehoorzamen en kan door Gods versterking ‘als een goede boom vruchten van goede werken voortbrengen’. In deze positie is een gelovige door God geplaatst! Het betekent ook dat een gelovige in een positie is om juist niet door demonen te worden beïnvloed en belast.

 

We zijn geroepen om in Gods kracht te strijden tegen de geestelijke boosheden in de lucht, die onze positie als kind van God willen ondermijnen. Jaag ernaar om vast te mogen staan in Christus, de plaats waar je door genade recht op mag hebben. Als je het recht van een geadopteerd kind hebt verkregen, gedraag je dan niet als een slaaf van de zonde!

Je mag gratis eten van de maaltijd die God je geeft, waarom zou je dan eten van het besmette voedsel van satan? Laat je niet verblinden en verleiden door satans aantrekkelijke aanbiedingen, want die zijn allang ‘over de datum’. Het eten van de zonde maakt je uiteindelijk doodziek.

 

3.4 Luister en spreek naar het Woord

Hoe kunnen we het verschil opmerken tussen Gods stem in ons hart (door de Heilige Geest) en de influisteringen van demonen? Let op de uitwerking! Brengen deze influisteringen ons tot twijfel, onzekerheid en valse schuldgevoelen, of brengen ze onze meer in de nabijheid van God? Geven ze ons meer vertrouwen op God, liefde tot Christus en een gevoel van rust en vrede, dan zijn het goede ingevingen geweest.

Laten we ook voorzichtig zijn om ‘in geestelijke opwellingen’ allerlei profetieën uit te spreken, zonder dat wij het zelf (of anderen het) hebben getoetst aan Gods Woord.

Let op de waarschuwing in Jes. 8:19-20, waar door de duivel geïnspireerde mensen worden ontmaskerd. We moeten spreken naar het geïnspireerde woord van de HEERE, anders zal het geen dageraad hebben.

 

3.5 Groeien in geestelijke kennis

Je denken heeft te maken met het verwerken van kennis. Door het verwerven van geestelijke ervaringskennis vanuit Gods Woord, kun vaster in je positie als kind van God komen te staan.

Let op de aansporing in 2 Petr.1:10-11: ‘Daarom, broeders, benaarstigt u te meer, om uw roeping en verkiezing vast te maken; want dat doende zult u nimmermeer struikelen. Want alzo zal u rijkelijk toegevoegd worden de ingang in het eeuwig Koninkrijk van onze Heere Jezus Christus.’

Petrus eindigt zijn tweede zendbrief (in 2 Petr.3:17-18) daarom ook met de volgende vermaningen: ‘Gij dan, geliefden, zulks te voren wetende, wacht u, dat gij niet door de verleiding van de gruwelijke mensen mede afgerukt wordt, en uitvalt van uw vastigheid; maar wast op in de genade en kennis van onze Heere en Zaligmaker Jezus Christus. Hem zij de heerlijkheid, beide nu en in de dag der eeuwigheid. Amen.’

 

3.6 Het Licht en de Waarheid

Jezus Christus is het Licht en de Waarheid. De waarheid moet aan het licht komen in ons leven! Kom vanuit de duisternis in je leven tot het Licht! Verlaat de leugens in je leven en kom tot de Waarheid! Als je het kwade blijft doen, haat je het licht, maar als je tot het Licht komt, doe je de waarheid (zie Joh.3:20-21).

Je kunt bang zijn dat je veroordeelt zult worden als je tot het licht van de waarheid komt, als je gelovig tot Jezus om vergeving gaat. We lezen echter in Joh.318: ‘Die in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld.’

Zonden belijden betekent: zonden aan het licht brengen. Je wordt dan eerlijk voor God. Dan is er ook een goede hoop voor vergeving. Geloof daarom wat Gods Woord ons leert in 1 Joh.1:8-9: ‘Als wij zeggen dat wij geen zonde hebben, misleiden wij onszelf en is de waarheid niet in ons. Als wij onze zonden belijden: Hij is getrouw en rechtvaardig om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid.’

Je moet leren om in geloofsgehoorzaamheid tot Jezus te komen, anders ben je nog verloren. Joh.3:36 leert ons duidelijk ‘Wie in de Zoon gelooft, heeft het eeuwige leven; maar wie de Zoon ongehoorzaam is, zal het leven niet zien, maar de toorn van God blijft op hem.’

 

3.7 Het meningsverschil moet worden opgelost

Over het algemeen kunnen we zeggen dat onbekeerde christenen met God van mening verschillen. Counselor dr. Neil T. Anderson verklaart ons: ‘Als wij op een verwrongen, onjuiste of negatieve manier over God, onszelf en de wereld denken, dan verschillen wij met God van mening over wat Hij zegt over Zichzelf, ons en onze wereld. Dit ‘verschil van mening’ is het doel missen; het is zonde.’

Het hoeft nog niet zo erg te zijn als je een meningsverschil met een ander hebt. Het meningsverschil met God heeft echter ernstige consequenties! God spreekt door Jezus, de Waarheid, tot ons. Als wij het niet eens zijn met de waarheid van God, geloven wij in de leugen. Dit meningsverschil is ongeloof. Door ongeloof kun je niet ingaan in het Gods Koninkrijk.

De waarheid blijft de waarheid. De werkelijkheid kun je niet veranderen door er anders over te denken. Als je het licht van de waarheid niet aanvaardt, leef je in de geestelijke duisternis. Je houdt jezelf dan voor de gek. Je draait jezelf een rad voor ogen. Je doet dan aan struisvogelpolitiek. Met deze vreemde vogel steek je ‘de kop in het zand’ bij dreigend gevaar. Veel jongeren doen aan escapisme (vluchtgedrag). Zij willen hiermee de werkelijkheid ontvluchten. De werkelijkheid zal ons echter vroeger of later inhalen.

Je kunt beter de werkelijkheid en de waarheid onder ogen zien en je berouwvol tot God wenden. Je kunt beter bidden: ‘HEERE, maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden. Leid mij in Uw waarheid en leer mij… (Ps.25:4-5). Je moet het eens worden met God, met wat Hij van Zichzelf zegt in Zijn Woord. Je moet Hem ook gelijk geven in wat Hij van ons zegt en van de wereld. Dat is bekering. Bekering betekent vanuit het Griekse grondwoord: verandering van denken en doen.

 

3.8 De verloren zonen

Als je nog onbekeerd bent, moet je dus eerst anders gaan denken over God en jezelf, net als de verloren zoon in de gelijkenis (in Luk.15). Deze jongste zoon geloofde eerst in de leugens die in zijn gedachten opkwamen. In het denkproces dat volgde maakte hij een zondige beslissing. Bij de varkens ging hij nadenken, kwam hij tot zichzelf (Luk.15:17), tot inkeer en inzicht. Hij ging zijn vader anders zien, zoals hij werkelijk was, namelijk goed (zelfs voor zijn huurlingen). Op die vuile en verre plaats ging hij weer in zijn vader geloven. De terugkeer en liefdevolle ontvangst was het gevolg.

De oudste zoon geloofde nog steeds in leugens: hij geloofde in zichzelf en niet in zijn vader. Hij zag zichzelf als goed en zijn vader als iemand die het verkeerd deed. Zijn vader dacht medisch en kwam met liefde, genade en vergeving de teruggekeerde zoon tegemoet. Hij bood zijn oudste, ontevreden zoon ook het goede aan (Luk.15:31-32). De oudste zoon was rechthebbend en juridisch bezig en wilde vergelding. (Ik ga verderop in het boek uitgebreid in op het juridische en medische veld in het hart van een mens.)

Je ziet in de gelijkenis dat de oudste zoon op het erf van zijn vader rondliep met gevoelens van afgunst, afwijzing en boosheid. Dit was niet nodig, want zijn vader accepteerde ook hem, want hij zei tot hem: ‘Kind, u bent altijd bij mij, en al het mijne is het uwe.’ De vader sprak hiermee de waarheid. De mopperende zoon geloofde in de leugen, want hij voegde zijn vader toe: ‘Zie, ik dien u nu zoveel jaren, en heb nooit uw gebod overtreden, en u hebt mij nooit een bokje gegeven, opdat ik met mijn vrienden mocht vrolijk zijn’ (vers 28). Veel onbekeerde christenen lijken eigenlijk op de oudste zoon. Zij kunnen zich maar niet overgeven aan de liefde van de hemelse Vader, ze wantrouwen Hem en vertrouwen Zijn waarheid niet.

De oudste zoon had blijkbaar meer op met zichzelf en zijn vrienden dan met zijn vader. Dit had te maken met zijn boze hart, waarin het denken, het gevoel en de wil negatief waren ten opzichte van zijn vader.

Het hart van de jongste zoon werd vervuld met liefde tot zijn vader en wilde zichzelf vernederen naar een lagere plaats. Dit had te maken met zijn vernieuwde hart, waarin het denken, het gevoel en de wil positief waren geworden naar zijn vader toe. Hij geloofde niet meer in de leugen en in zichzelf, maar in de waarheid en in zijn vader.

Er zijn dus twee zaken mogelijk: je gelooft in de leugen of in de waarheid.

 

 

Comments are closed.