Strijden in de geestelijke wapenrusting

Copyright: Jan A. Baaijens, jongerenpastoraat

Houd stand in de wapenrusting!

Lezen: Efeze 6:10-20

Waarom moeten wij, volgens Efeze 6:10, de gehele wapenrusting van God aandoen? We worden door Paulus dringend vermaand en gewaarschuwd in Ef.6:10-13: ‘Verder, mijn broeders, word gesterkt in de Heere en in de sterkte van Zijn macht. Doet aan de de hele wapenrusting van God, opdat u stand kunt houden tegen de listige verleidingen van de duivel. Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad (de geestelijke boosheden in de lucht) in de hemelse gewesten. Neem daarom de hele wapenrusting van God aan, opdat u weerstand kunt bieden op de dag van het kwaad, en na alles gedaan te hebben stand kunt houden.’ 

Het doel van de toerusting is ‘om te kunnen standhouden’ tegen de sluwe verleidingen van satan, de grote tegenstander, beschuldiger en lasteraar. De gelovigen moeten standhouden in de positie die ze in Christus hebben ontvangen. Zorg er dan ook voor dat alle onderdelen in orde zijn gebracht. 

Wanneer is dat: ‘in de dag van het kwaad’ (‘in de boze dag’)? Volgens de Studiebijbel is dat in de tijd waarin de gelovigen nu leven, maar ook in de periode kort voor de komst van de Jezus Christus, waarin de gelovigen bijzonder zullen worden vervolgd.

Als een gelovige in een goede geestelijke conditie is, kunnen vleselijkheid en demonische invloeden worden geweerd. We lezen hierover in 2 Kor.10:4-5: ‘De wapens van onze strijd zijn immers niet vleselijk, maar krachtig door God, tot afbraak van bolwerken. Want wij breken valse redeneringen af en elke hoogte die zich verheft tegen de kennis van God, en wij nemen elke gedachte gevangen om die te brengen tot de gehoorzaamheid aan Christus.’ 

Houd ‘de geestelijke boosheden in de lucht’ goed in het vizier. Je moet ze leren ontdekken, en hun tactieken onderkennen. Let speciaal op de invallende gedachten, die je plotseling kunnen overvallen. Een gerichte bewapening is daarbij van groot belang.

Het gaat dus om een geestelijke strijd, die zich afspeelt in de geestelijke wereld boven ons, om ons heen en in onze gedachten. De kwade machten proberen in ons leven te infiltreren in onze gedachten. Zij kunnen dit slechts doen via het negatieve grijze denkveld van de oude mens (of vleselijke mens) in ons. De Heilige Geest werkt in de gelovigen via de nieuwe mens. Er is een geestelijke innerlijke strijd gaande tussen de nieuwe en oude mens in ons.

In de wapenrusting van God hebben wij de strijd te voeren

tegen onze vleselijke mens

en tegen de duistere machten die daarin infiltreren 

Kom niet op duistere plaatsen, waar je kunt worden overvallen door allerlei boosheden. Duistere machten zijn occult (verborgen). Ze verschuilen zich en kunnen niet tegen het licht. Door het licht van Gods Woord te laten schijnen, kun je ze herkennen en bestrijden. Jongeren willen nog wel eens op verkenning gaan in de duisternis. Ze komen dan in de gevarenzone. Pas op voor de bolwerken van de vorst van de duisternis!

                                       

Volg het Licht der wereld. Jezus leert ons in Joh.8:12: ‘Ik ben het Licht der wereld; wie Mij volgt, zal beslist niet in de duisternis wandelen, maar zal het licht van het leven hebben.’

In de geestelijke strijd moet je steeds weer geestelijke voeding geven aan de nieuwe mens. Aan de oude mens moet je zo weinig mogelijk aandacht geven en deze op het grijze veld laten uithongeren. Geef geen voeding aan je gevoelens van afwijzing, angst en boosheid. Concentreer je op de opbouwende zaken van het gele veld: op de liefde, het geloof, de hoop.

In Rom.8:13-14 wordt ons geleerd: ‘Want als u naar het vlees leeft, zult u sterven. Als u echter door de Geest de daden (de werkingen) van het lichaam doodt, zult u leven.  Immers, zovelen als er door de Geest van God geleid worden, die zijn kinderen van God.’  In Rom.8 zie je dat de Heilige Geest de gelovigen bestuurt en in geestelijke vrijheid doet leven.

Gebruik de vleugels van geloof en gebed

Neem toe in genade en kennis door te zien op Jezus en mediterend te studeren in het Woord van God. Geloof en gebed zijn de vleugels waarmee je buiten het gezicht van de verleidende slang kunt vliegen naar de veilige plaats nabij God. We lezen daarvan in Openb.12:14: ‘En aan de vrouw werden twee vleugels van een grote arend gegeven; opdat zij naar de woestijn zou vliegen, naar een plaats, waar zij gevoed wordt, een tijd en tijden en een halve tijd, buiten het gezicht van de slang.’

De vrouw symboliseert de nieuwtestamentische kerk (de gelovigen). De periode van drie en een half jaar ziet op de tijd dat Elia werd onderhouden in de tijd van droogte (toen Achab hem zocht).

  

Strijden tegen de geestelijke kwade machten

De gelovigen worden opgeroepen (in Ef.6:10) ‘om krachtig in de Heere te worden, en in de sterkte van Zijn macht’. Vanuit de grondtekst kunnen we lezen ‘sterkt uzelf, weest sterk of laat u versterken’. Het gaat hier om een blijvende opdracht (omdat het in het Grieks in de gebiedende wijs van het praesens staat).

Gelovige, blijf je kracht zoeken in de gemeenschap met Koning Jezus!

Aandoen en opnemen van de wapenrusting moet volgens de Griekse grondteksten (in de aoristusvorm) direct worden opgevolgd. Het is een bevel!

In vers 12 lezen we: ‘Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de geweldhebbers van deze wereld, van de duisternis van deze eeuw, tegen de geestelijke boosheden in de lucht.’

Paulus noemt hier vier categorieën van geestelijke machten, die onder de leiding van satan staan. ‘De overheden en machten’ zijn gezagsdragers onder de boze geesten. ‘De wereldbeheersers’ (‘kosmokratoras’) zijn geestelijke machthebbers die in relatie staan met de overste van de wereld, de elementen van de wereld of de wereldgeesten. Verder zijn er nog ‘geestelijkheden’ of ‘geesten’, die door de boze worden bestuurd. Al deze boze machten zijn constant actief in en vanuit de ‘hemelse gewesten’. Met de machten van het kwaad of de geestelijke boosheden in de lucht (de demonen) hebben wij dus in onze innerlijke geestelijke strijd te maken.

Boze geesten of demonen zijn actief zoals parasieten op zwakke en slechte delen van planten en bomen – als ze maar even de kans krijgen, vestigen zij zich op deze plaatsen. Zo gaat het ook met virussen en bepaalde ziektekiemen.

Geef de duivel geen plaats in je leven, op welk gebied dan ook

Haal de brug naar de zondige bolwerken van de wereld op. Sluit de poort voor kwade machten!

Als jij een opening geeft, zullen de geestelijke boosheden van de gelegenheid gebruik maken. Ze zijn aanwezig bij de toegangspoorten naar de wereld. Ze kunnen zich zelfs verschuilen in geweldadige games achter de namen van heidense afgoden uit het verleden. Als je er teveel waarde aan gaat hechten en gefrustreerd bent kunnen geesten van boosheid en angst je in een dwangmatige wereld zuigen.

Je moet ze leren herkennen en blijven waken bij de gevaarlijke ingangen.  Als je onbeschermd naar besmette sites gaat, wordt jou computerprogramma binnen de kortste tijd besmet. Zo gaat het ook met onze geestelijke software. Wat je niet opent, heeft geen invloed op je. Geef dus geen opening aan machten die je ongelukkig willen maken. Ze zullen je aanlokken, maar uiteindelijk verdoven, verzwakken en verzieken.

Demonen zijn als parasieten en virussen die naar openingen zoeken om zich te vestigen op zwakke en verziekte plaatsen 

De vijand zal in zijn aanvallen kijken naar onbeschermde plaatsen, daarom moet een christen op zijn post blijven staan en steeds weer zijn wapenrusting aandoen en gebruiken.

Volharding en waakzaamheid

In Openb. 14:12 gaat het over ‘de lijdzaamheid van de heiligen’, met het doel, om tot het uiterste te volharden en het geloof te bewaren. De Heere Jezus zegt tot de gelovigen in Luk. 21:19: ‘Bezit uw zielen in uw lijdzaamheid.’ De NBG vertaalt: ‘Door uw volharding zult gij het leven verkrijgen.’

Lijdzaamheid is een militaire uitdrukking. Als Romeinse soldaten hadden gevochten of zelfs waren teruggeslagen, dienden ze zich weer te gaan versterken in het legerkamp. De gewonden moesten worden verzorgd en de wapens weer in orde gebracht. Zo dient een gelovige actief werkzaam te leven tot op het moment dat de Heere hem of haar weer tot de strijd roept.

In Jak. 4:7 lezen we: ‘Onderwerp u dan aan God. Bied weerstand aan de duivel en hij zal van u wegvluchten.  1 Petr.5:8-9 vermaant ons: ‘Wees nuchter en waakzaam; want uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, op zoek naar wie hij zou kunnen verslinden.’ Zorg er dan ook voor dat je niet op zijn machtsveld en werkterrein komt.

De hele wapenrusting van God

In vers 13 worden we vermaand: ‘Daarom neemt aan de gehele wapenrusting van God, opdat u weerstand kunt bieden in de boze dag, en na alles gedaan te hebben, stand kunt houden.’

Je moet in de verdediging blijven staan in de positie die je als gelovige in Christus hebt ontvangen. Zorg er dan ook voor dat alle onderdelen in orde zijn gebracht. 

We lezen over de wapenrusting in Efeze 6:14: ‘Houd dan stand, uw middel omgord met de waarheid, en bekleed met het borstharnas van de gerechtigheid.’

De gelovige moet dus gereedstaan, de lange mantel opgebonden hebbende met de gordel van de waarheid. In eerlijkheid en oprechtheid moet je dus met het Evangelie klaarstaan om uit te gaan. De gerechtigheid van God is daarbij het pantser.

De Amerikaanse apologeet Josh McDowell ziet internet als de grootste bedreiging voor christenen. In het Reformatorisch dagblad van 19 juli 2011 geeft hij aan dat door de negatieve invloeden via internet het geloof in de absolute waarheid van Gods Woord sterk is afgenomen. De meest gangbare visie is geworden, ‘dat er geen waarheid is, behalve mijn eigen waarheid’. Hij waarschuwt ons dat alle ongerechtigheid op internet binnnen een muisklik beschikbaar is. Internet verzwakt het christelijk getuigenis. Hij concudeert verder: ‘We kunnen beter zo snel mogelijk wakker worden, want dit is nog maar het begin.’

McDowell noemt drie manieren om in de opvoeding om te gaan met kinderen en jongeren. In de eerste plaats door ‘waarheid en eerlijkheid’, terwijl het daarbij gaat om het voorbeeldgedrag. In de tweede plaats, door een liefdevolle relatie op te bouwen met de kinderen. In de derde plaats moet je (hun verzamelen van) kennis gebruiken en hun vragen beantwoorden met de waarheid. Hij stelt: ‘Het beste wapen is de kennis van de waarheid.’ De waarheid zal immers ook vrijmaken van de leugen (Zie Joh.8:32).

De waarheid maakt vrij van de leugen

Jezus is de Weg, de Waarheid en het Leven!

Uiteindelijk dienen we ze natuurlijk te wijzen op Jezus Christus. Hij is de Weg, de Waarheid en het Leven (Joh.14:6). In het wijzen op hem hebben we de beloften van de inkomst van de Heilige Geest, Die het uit Jezus neemt en ons verkondigt (Joh.16:14). Jezus maakt werkelijk vrij (Joh.8:36). Daarom moeten we altijd blijven zien en wijzen op Jezus, bij alle geestelijke aanvallen van binnen en van buitenaf.

Toen de duivel Maarten Luther op zijn zonden wees, kon deze hem verwijzen naar Christus. Hij wist zichzelf echter bekleed met de gerechtigheid van Christus. De boze beschuldiger en aanklager kan je niets maken, als Christus het voor jou in orde heeft gemaakt!

Verder draagt vers 15 ons op: ‘En de voeten geschoeid met bereidheid van het Evangelie van de vrede.’  Als je bereidwillig en bereidvaardig bent om het Evangelie te verkondigen  in de kracht van Christus, kan de duivel niets uitrichten om dit te verhinderen. Zorg er voor dat je binnen handbereik blijft van de Heere, Die jou dan als instrument in Zijn hand wil gebruiken.

In Ef.6:16 lezen we verder: ‘Neem bovenal het schild van het geloof op, waarmee u alle vurige pijlen van de boze zult kunnen uitblussen.’ De brandende pijlen zien op de boosheden en de listen van de duivel. Je kunt hier denken aan vervolgingen, dwaalleren, verleidingen, beschuldigingen en laster. Achter het hoge schild kon de soldaat zich geheel verschuilen. De twee dunnen lagen hout waren bij het gevaar van brandende pijlen ook wel bedekt met een natgemaakte huid, waarop deze vurige pijlen uitdoofden. Het geloof is het vertrouwen op en de verbondenheid aan de Heere. 

Vers 17 vervolgt: ‘En neem de helm van de zaligheid en het zwaard van de Geest, dat is Gods Woord.’ De Studiebijbel verklaart: ‘Met ‘de helm der redding’ bedoelt Paulus dus zowel ‘de zekerheid gered te zijn’, als ‘de hoop, de verwachting van de definitieve redding’ bij de komst van Christus. De zekerheid van het geloof is dus belangrijk in de geestelijke strijd.

Ben je jezelf wel bewust van je vaste positie in Christus?! Het is belangrijk dat je weet dat niets je zal kunnen scheiden ‘van de liefde van God, in Christus Jezus, onze Heer’ (Rom. 8:39). Paulus schrijft het letterlijk in Rom. 8:37-39: ‘Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem Die ons heeft liefgehad. Want ik ben verzekerd dat noch dood, noch leven, noch engelen, noch overheden, nog machten, noch tegenwoordige, noch toekomende dingen, noch hoogte, noch diepte, nog enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde van God in Christus Jezus, onze Heere.’

De zekerheid van het geloof, door het houvast in het Woord en de beloften van God, is dus van groot belang in de strijd tegen de satan en zijn demonen. Kennis van Gods Woord en de bijbelse principes zijn hiertoe nodig. We dienen te weten wat wij in Christus hebben. Als we Gods liefde hebben mogen ervaren, kunnen we blijmoedig en krachtig zijn in de strijd; we weten dan in Wie wij geloven en dat wij met Hem eeuwig zullen overwinnen.

In de wapenrusting van Efeze 6 is het enige offensieve wapen ‘het zwaard van de Geest’. Het is een kort tweesnijdend zwaard (een ‘machaira’). Het is het door de Heilige Geest geïnspireerde Woord van God, wat de overwinningen behaalt en de sterke gewapende de vaten ontrooft.

Jezus gebruikte tijdens de verzoeking door satan ook dit wapen, toen de aanvallen afsloeg met  ‘er staat geschreven…’ (vgl. Matth. 4:4,7,10).

Het wapen van het gebed

We sluiten bij vers 18 de uitleg van Efeze 6 over de wapenrusting af, waar wordt toegevoegd: ‘Terwijl u bij elke gelegenheid met alle gebed en smeking bidt in de Geest en daarin waakzaam bent met alle volharding en smeking voor alle heiligen.’ Bij de wapenrusting is dus ook het voortdurend gebed nodig. Wij moeten volhardend waken en bidden om niet in verzoeking te komen. Gelukkig mogen de gelovigen ook weten dat Christus voor hen bidt als de biddende Hogepriester in de hemel.

Jezus Christus bidt voor de gelovigen

De satan begeerde de discipelen te ziften als de tarwe, waarbij Jezus bemoedigend toevoegde (vooral in het belang van Petrus): ‘Maar ik heb voor u gebeden, dat uw geloof niet zal ophouden…’  Bij ‘ophouden’ kunnen we ook denken aan ‘bezwijken, opraken’. In Openb.12:16 lees je dat God Zijn biddende kinderen te hulp komt.

Het werkterrein op de aarde

Vanuit Openb.12 kunnen we weten dat satan het werkterrein, na Christus’ overwinning aan het kruis, naar de aarde verplaatst heeft. Hij weet dat zijn tijd beperkt is en zoekt nu op een koortsachtige wijze wraak te nemen. Wat er in de ‘korte tijd’ zal gebeuren, wordt op een bijzondere wijze beschreven in Openb.13 en 14. Satan werkt met verleiding, misleiding en vervolging. Hij tracht de gelovigen mee te sleuren in zijn maalstroom (vers 15). Zodra je instapt in zijn draaikolk, gaat de rest vanzelf, richting afgrond… Het is een afgang van vele wateren.

Jongeren raken verslaafd aan de verdovende middelen van satan, terwijl het hun leven op korte termijn kan verwoesten. In de goktent van satan heb je geen geluk. Winst staat daar gelijk aan verlies. Werelds geluk is verlies voor je ziel. Als de spelende handen geen biddende handen worden, is er geen weg naar Boven mogelijk. Blijf daarom uit de klauwen van de nietsontziende draak, voordat het helemaal uit de hand loopt…

Wees op jonge leeftijd al waakzaam. Kijk uit waar je komt. Let op waar de gevaren op de loer liggen. Blijf op een veilige afstand. Houd de vijand goed in het vizier.

Blijf buiten het machtsgebied van satan en zijn demonen

Lezen: Efeze 4

We kunnen toegangsdeuren in ons leven openstellen voor demonische infiltratie. We geven ons dan weer over aan verleidende machten. We houden onszelf dan weer teveel bezig met ‘de begeerte van ons vlees, de begeerte van de ogen en de hoogmoed van het leven’ (1 Joh.2:16). Dat zijn de zondige zaken van de wereld. Je begeeft je dan weer op een onveilig gebied, het machtsgebied van satan. Gelovigen kunnen hierin vallen, door hun oude, vleselijke mens weer teveel aandacht te gaan geven. Paulus waarschuwt ons in Ef.4:27: ‘En geef de duivel geen plaats.’

Geef de duivel geen plaats in je leven

Wilkin van de Kamp verklaart ons hierbij in zijn handboek ‘Geboren om vrij te zijn': ‘Hij waarschuwt ons dan voor de invloed van onze vroegere wandel met de woorden: Geef de duivel geen voet’. Het woord ‘topos’ dat hij hier gebruikt, betekent ‘gebied’, ‘plaats’ of ‘ruimte’. We zouden hier dus ook mogen vertalen: ‘Geef de duivel geen grond’ (om ons leven te beïnvloeden of weer binnen te komen). Door terug te vallen in onze oude zondige patronen, geven wij de duivel ruimte ons leven te beïnvloeden of zelfs binnen te komen. De duivel is een wettische geest. Hij is altijd op zoek naar wetmatige grond (zonde) om ons in zijn macht te krijgen.’ Hij stelt: ‘Zonder wetmatige grond is er geen invalspoort voor demonische machten.’

                                       

In de Romeinse oudheid was de apologeet Tertullianus (ca. 160-222 na Chr.) was een ijverig verdediger van de christelijke leer en het christelijke leven. Zijn boek ‘De openbare spelen’ (De Spectaculis) is weer een bijzonder actueel boek geworden. De meer oppervlakkige, wereldse christenen in zijn dagen zagen niet zoveel kwaad in het bezoeken van de spelen. Zij verdedigden zich door te zeggen: ‘In de Bijbel staat nergens: gij zult niet naar het circus gaan, noch naar het theater; gij zult geen toeschouwer zijn bij een atletenwedstrijd, noch bij een gladiatorenspel.’ Tertullianus verklaarde, dat ‘de begeerlijkheden van de wereld’ in de Bijbel veroordeeld worden. Als één van de sterkste argumenten tegen het gaan naar de spelen, voerde hij aan ‘het gevaar van besmetting’. De beïnvloeding door de spelen was bijzonder groot. En zo is het ook bij de beïnvloeding door de media in onze dagen!

Tertullianus leerde: ‘De gehele wereld is van satan en zijn engelen vervuld. Wij zijn niet afvallig van God door het feit, dat wij in de wereld leven, maar slechts dan wanneer wij ons in enigerlei opzicht ophouden met de zonden van de wereld.’ De schouwburg beschouwde hij in letterlijke zin de privaatwoning van de duivel. Hij verhaalt ons, dat een boze geest op een keer in een christen was gevaren, toen deze per ongeluk (?) de spelen bijwoonde. Toen de duivelbanner (exorcist) aan de boze geest vroeg, welk recht hij had om zich te permitteren in het lichaam van een dienaar van God te kruipen, antwoordde de geest: ‘Ik heb hem in mijn eigen huis ontmoet!’

De apologeet en redenaar Tertullianus was van mening dat elk heidens kind vanaf de geboorte al een demon had. Dit is wellicht overdreven, maar we mogen wel aannemen dat kinderen van afgodendienaars al spoedig een demonische belasting met zich meedragen. De verdediger van het christendom zag magie, astrologie en spiritisme duidelijk als demonenwerk. Door iets of iemand te verafgoden geef je een demonische macht een belangrijke, overheersende plaats in je leven. Demonen maken zoveel mogelijk gebruik van de gelegenheden die je ze geeft. Ze zijn als het vuile water dat iedere opening zal benutten om binnen te stromen.

Vermijd zoveel mogelijk het machtsgebied van satan

In Efeze 4 worden we vermaand om in het geloof in Jezus Christus gezond op te groeien tot geestelijke volwassenheid (vers 13). In vers 14 lezen we verder: ‘Opdat wij geen jonge kinderen meer zouden zijn, heen en weer geslingerd door de golven en meegesleurd door elke wind van leer, door het bedrog van de mensen om op listige wijze tot dwaling te verleiden.’

Wij moeten daarom ook blijvend ‘de oude mens afleggen, die te gronde gaat door de misleidende begeerten’ (vers. 22). Vers 23 gaat verder: ‘En dat u vernieuwd wordt in de geest van uw denken.’ Deze vernieuwing moet steeds verder doorwerken in ons leven. Het gaat om een vernieuwing van binnenuit (zie ook Rom.12:2). Vanuit het Grieks kun je opmaken dat het hier gaat om ‘het vernieuwen van een al bestaande kwaliteit’. In vers 24 lezen we dat we de nieuwe mens moeten aandoen. De blijvende opdracht van de gelovigen is vanuit Ef.4:22-24: ‘De oude mens afleggen’, ‘vernieuwd worden in het denken’ en ons ‘bekleden met de nieuwe mens’.

Het steeds weer aandoen van de wapenrusting van God heeft dus ook te maken met het aandoen of bekleden van de nieuwe mens. Wat je hiertoe moet laten en moet doen kun je verder lezen in Efeze 4:25-32. Wat moeten we volgens deze teksten onder meer afleggen en wegdoen: de leugen, alle bitterheid, woede en toorn. Dat heeft te maken met gevoelens van afwijzing, afgunst en boosheid op het grijze denkveld (zie geestelijke voedingskaart op deze website). Wat moet je juist wel doen: de waarheid spreken, opbouwend bezig zijn, vriendelijk, barmhartig en vergevingsgezind zijn. Deze zaken horen bij het gele denkveld.

Verleidende machten

In Openb.12:9 wordt van de duivel gezegd, dat hij de gehele wereld verleidt. Vanuit het Grieks kunnen we vertalen: ‘misleidende de hele bewoonde wereld’. In vers 12 lezen we vervolgens: ‘Wee hun, die de aarde en de zee bewonen, want de duivel is tot u afgekomen, en heeft grote toorn, wetende, dat hij een kleine tijd heeft.’ Hij zoekt daar koortsachtig wraak te nemen, voordat hij definitief zal worden uitgeschakeld. Niemand hoeft bij hem op medelijden te rekenen. Als je in zijn machtsgebied of gezichtsveld bent, verkeer je dus in groot gevaar! De boze geesten staan dan dreigend en verleidend om je heen, zoekend naar een kans om toe te slaan. Met de vrouw in Openb.12 wordt Gods kerk bedoeld.

De gelovigen zijn vooral het mikpunt van de satanische wraak. Je kunt dit duidelijk lezen in Openb.12:13-17.

De middelen die boze geesten gebruiken om zondaren in zijn machtsgebied te sleuren zijn ‘vervolging en verleiding’. Bij ons in het vrije Westen werken de demonen succesvol met de moderne verleidingen. In openb.12:15 wordt aangegeven, dat de slang water als een rivier uit haar mond wierp, ‘opdat hij haar door de rivier zou doen wegvoeren’. Hij wil de mensen dus meesleuren in zijn maalstroom. Dit gebeurt dus ook met verleiding. Je hoeft maar even met de wereldse massa mee te lopen en de verleidende invloed is al merkbaar.

Ik zal nu een voorbeeld gebruiken, om de zuigkracht van de wereld duidelijk te maken: Stel je voor dat iemand in een rubberboot een eindje van het strand is geroeid, om er vervolgens heerlijk in te gaan liggen, lekker in de zon… Hij ziet dat de golven de richting van het strand opgaan. Zelfs de wind gaat die richting uit. Hij is daarom in de veronderstelling dat de rubberboot na verloop van tijd toch wel weer op het strand zal belanden, en besluit daarom om maar een heerlijk dutje te gaan doen.

Na twee uur wordt badgast wakker. Denk je dat hij nu met zijn boot op het strand ligt? Vergeet het maar! Hij is zelfs veel verder van het strand afgedreven. Hoe is dit nu mogelijk? Het heeft te maken met de zwaardere onderstroming. Al het water dat op het strand spoelt, stroomt ook weer onderlangs op zuigende wijze terug, terwijl er ook wel zand mee kan gaan. Zo werkt ook de verleidende satanische zuigkracht in onze samenleving. Als je niet tegen de stroom in roeit, word je gewoon met de massa meegezogen.

Heb je al geleerd om tegen de wereldse stroom in te roeien?

Dode vissen drijven met de stroom mee. Ik heb in Schotland gezien hoe grote vissen tegen de stroom van een bruisende rivier in zwommen. Ze worstelden zich zelfs tegen een waterval in. Af en toe zwaaiden ze daarbij uit het water, terug in de diepte. Dan probeerden ze het weer opnieuw, net zolang totdat ze er overheen kwamen en verder konden… zo hoog mogelijk. En bovenin konden ze daarna kuit schieten. De gedragen vrucht kwam daar tevoorschijn.

Zo dienen de gelovigen tegen de stroom in te strijden om hogerop te komen, om daar veel vrucht te mogen dragen. Jezus leert ons in Joh. 15:8: ‘Hierin wordt Mijn Vader verheerlijkt, dat u veel vrucht draagt en Mijn discipelen bent.’  Als je de intentie niet hebt om veel vrucht voor Hem te dragen, ben je dan wel een echte discipel (leerling en volgeling) van de Heere Jezus? Denk hier goed over na. Strijd daarom ook tegen de machtige (occulte) verleidingen!

Zonder strijd zal er geen overwinning zijn

Pas op voor de verborgen verleiders!

In Openbaring 12 en 13 worden ook de occulte invloeden en tactieken van satan aan het licht gebracht. In het wereldgebeuren zit de vorst der duisternis achter het toetsenbord van de massamedia. Hij komt tot ons in ‘de geest van deze eeuw’.

Satan en zijn demonen gebruiken internet als een machtig wapen om de massa te beïnvloeden. Op het gebied van verleiding is dit wel het machtigste wat hij ooit heeft aangewend voor zijn zielsverdervende doelen. Het visuele effect is enorm en de verslavende uitwerking gaat verblindend snel. De liefde tot de wereld maakt blind voor de werkelijkheid. Het ziet er allemaal zo mooi en aantrekkelijk uit, maar de occulte invloeden worden van veel programma’s worden weinig of niet opgemerkt.

Occult betekent ‘verborgen’. Satan verbergt dingen, maakt zaken duister en mystiek, wekt de nieuwsgierigheid van de mens op door zich te verbergen in een listige slang of draak.

Wij moeten ervoor zorgen dat we bekend zijn met de listige activiteiten van de vorst der duisternis en zijn misleidende demonen. Pas op voor de verborgen misleiders!

Het sluwste en meest succesvolle wapen van satan is ‘verleiding’

Hij werkt ook wel door vervolging, maar daar zijn veel gelovigen sterk en standvastig van geworden (door de ondersteunde kracht van God). Occulte verleidingen zijn gevaarlijker. Door de liefde tot ‘de tegenwoordige wereld’ zijn al veel christenen gevallen. De duivel beheerst deze moderne wereld (2 Kor.4:4). Hij laat zijn macht gelden via de media en internet. Hoe kunnen we hem via de media en internet verslaan? Je kunt het christelijk getuigenis laten horen en zien. Zodoende zijn er al heel wat mensen tot geloof gekomen via de moderne media. Soms kun je achter het beeldscherm beter je ogen dicht doen en wegvluchten buiten het gezicht van de slang.

Volgens Openb.12:9 is de grote rode draak ‘de oude slang, de duivel en de satan, de misleider van heel de wereld’. In dit vers wordt de activiteit van satan ontmaskerd: ‘die de gehele wereld verleidt’. Dit hoort bij zijn identiteit. Hij heeft verleid, hij verleidt en hij zal zolang mogelijk blijven verleiden.

Je moet de identiteit en de activiteiten van satan en zijn demonen leren herkennen

De gave van de onderscheidingen van geesten (1 Kor.12:10) is in het digitale tijdperk van zeer groot belang.

Het World Wide Web van satan

Ik denk dat de demonische communicatie vergelijkbaar is met het World Wide Web, zoals het bij internet werkt. Satan heeft eeuwenlange ervaring met het opzetten en uitbouwen van een communicatief netwerk, met miljoenen en miljoenen verbindingen. Zijn engelen of demonen voeren zijn kwaadaardige opdrachten wel uit. Hij infiltreert, indoctrineert en manipuleert en maakt gebruik van allerlei occulte tactieken. Hij maakt ook gebruik van de goddeloze mensen, die hun hart hebben opengesteld voor zijn ingevingen en invloeden. Hij maakt bij voorkeur gebruik van wereldheersers en als het hem lukt ook van kerkleiders. Hij laat wereldsystemen en filosofieën uitdenken, zoals het communisme, maar werkt ook in misleidende wereldgodsdiensten, zoals de islam.

Achter de schermen van het wereldgebeuren is er een satanische organisatie actief, die werkt volgens hiërarchische principes (zie dit in Ef.6:12).

In de Bijbel neemt de geestelijke strijd (achter de schermen) een zeer belangrijke plaats in. Als de Heere God er (volgens Zijn openbaring) een uitermate groot belang in stelt, dienen wij dit ook te doen! Satan zit als een overkoepelde spin boven een wereldwijd netwerk. De volgende afbeelding laat ons ook de overwinning van het Lam van God zien over alle boze machten. Bij de beslissende eindstrijd zal Hij de eeuwige overwinning behalen. Deze afbeelding hoort uiteindelijk bij Openb.17:14. We zien hier uitgebeeld: ‘Dezen zullen oorlog voeren tegen het Lam, en het Lam zal hen overwinnen (want Hij is een Heere der heren, en een Koning der koningen, en die met Hem zijn, de geroepenen, de uitverkorenen en gelovigen.’

                                        

De illustratie laat zien hoe satan als de overkoepelende spin de heerser en bestuurder van het boze wereldwijde netwerk is. De demonische spinnen worden door hem geïnspireerd en aangestuurd. De mensen houden het wereldgebeuren in de gaten. Zij worden voorgelicht, geïndoctrineerd en gemanipuleerd door de hooggeplaatste medewerkers van satan. In het vervolg zullen we zien dat dit de overheden, de machten en de geweldhebbers van deze eeuw zijn (volgens Efeze 6:10). Daar hebben wij tegen te strijden. Met de twee grote spinnen naast de spin satan worden het eerste wereldse beest 666 en het tweede antichristelijke beest (de valse profeet) bedoeld (uit Openb.13). De tien kleinere spinnen zien op de tien antichristelijke koningen (Openb.17:17). Samen vormen zij in de eindtijd een antichristelijk complot. Het is een vast en aaneengesloten machtsblok op politiek, economisch en religieus gebied. Zij zullen tot een ongekende macht komen in de nieuwe digitaal gestuurde wereldstad Babylon.

De kleine spinnen aan de onderkant van de wereldbol zijn de demonen: de geestelijke boosheden in de lucht (Efeze 6:10). Zij vervullen op een occulte wijze de wereld. Ze zijn dus ook aanwezig onder, om en in de mensen. Al de spinnen zijn aan elkaar verbonden door het World Wide Web van satan. Zij hebben occulte digitaal contact met elkaar. De mensen worden door hen beïnvloed, belast en soms ook bezet.

We moeten de identiteit en de activiteiten van satan en zijn handlangers leren ontdekken, zodat we in de wapenrusting Gods stand kunnen houden in onze positie in Christus. Door Jezus Christus kunnen wij in Zijn overwinning blijven staan. 

 Demonen en hun activiteiten

Satan en zijn demonen dienen te worden ontmaskerd op macro- en microkosmisch gebied. Van de grote wereldwijde ontwikkelingen kunnen we afleiden wat er veelal verborgen (occult) gebeurt door demonen op kleiner en lager gebied (in de levens van individuen). Wat satan wereldwijd werkt en aanstuurt, werken de demonen op occulte wijze uit in de mensen die zich hiervoor openstellen. Door het wereldwijde gebeuren te plaatsen naast de occulte praktijken van de demonen, komt er meer inzicht in de boze opzet van de occulte machten.

Let er wel op dat satan niet alomtegenwoordig is. Hij is na de overwinning van Jezus Christus aan het kruis zelfs gebonden aan door God bepaalde plaatsen. Hij heeft dus de geestelijke boosheden in de lucht nodig om de individuen te bereiken en te beïnvloeden. De geestelijke boosheden in de lucht zijn de demonen. We lezen over deze gevallen engelen in Judas 1:6: ‘En de engelen, die hun beginsel niet bewaard hebben, maar hun eigen woonstede verlaten hebben, heeft Hij tot het oordeel van de grote dag met eeuwige banden onder de duisternis bewaard.’ De verblijfplaats is in het donker. De Willibrord Vertaling geeft aan dat God de gevallen engelen met onverbrekelijke boeien gevangen houdt in het duister van de onderwereld, in afwachting van de grote oordeelsdag.

In Matth.12:43-45 zien we iets van de identiteit en de activiteiten van de demonen. Jezus leert ons daar: ‘En wanneer de onreine geest van de mens uitgegaan is, zo gaat hij door dorre plaatsen, zoekende rust, en vindt ze niet. Dan zegt hij: ‘Ik zal wederkeren in mijn huis, vanwaar ik uitgegaan ben; en komende, vindt hij het leegstaand, geveegd en op orde. Dan gaat hij heen en neemt met zich zeven andere geesten, bozer dan hijzelf, en ingegaan zijnde, wonen zij aldaar; en het laatste van die mens wordt erger dan het eerste. Alzo zal het ook met dit boos geslacht zijn.’

De Studiebijbel verklaart ons bij vers 43: ‘Demonen hebben de dood lief (vgl.8:28) en wonen daarom in gebieden van chaos en droogte, waar de dood heerst en waar geen mens kan leven (Jes.13:21; 34:12-14; Openb.18:2). Maar omdat daar geen mensen zijn, in wie de onreine geest kan wonen en onheil kan aanrichten, vindt hij er geen rust.’

De onreine geest kan met zeven bozere en slechtere geesten terugkeren naar de mens waarin hij gewoond heeft, omdat de Geest van God er geen intrek in heeft genomen. Zonder geloof en bekering is er nog steeds het gevaar van demonische infiltratie. Let hier op!

We zien hierin ook dat er verschil in boosheid is onder de demonen. Er is een hiërarchie, variatie in eigenschappen en specialisatie onder de boze geesten. Hierdoor weten ze op allerlei zwakke punten hun slachtoffers te infiltreren en te treffen.

                                        

Je ziet in Matth.8:28-32 hoe ze zich angstig hebben verzet tegen de macht van Jezus. We lezen in vers 29 dat zij riepen: ‘Jezus, Zoon van God!, wat hebben wij met U te maken? Bent U hier gekomen om ons te pijnigen vóór de tijd?’ Ze hebben het over ‘de juiste tijd van het oordeel’. Ze zijn hier angstig en manipulerend bezig. Boosheid, angst en manipuleren horen bij demonen. Dit proberen ze op een occulte en duistere wijze door infiltratie ook over te brengen op de mensen.

Hoe kunnen we ons afschermen?  

Boze geesten of demonen zijn actief zoals virussen in computersystemen. Zij willen onze denksystemen infiltreren en ons besmetten met negatieve denkbeelden, angsten en boosheden. Open deze besmette mails niet! Welke negatieve gedachte, angst of boosheid dan ook naar jou wordt gekopieerd, zorg dat je het niet accepteert of plakt. Houd je geestelijke software zoveel mogelijk vrij van boze infiltratie. Geef de duivel geen opening en geen plaats in je leven!

Accepteer geen boze infiltratie

 in je geestelijke software

In de digitale wereld wordt zichtbaar hoe het waarschijnlijk gaat in de geestelijke wereld. In de computerwereld kan de software worden verplaatst en verzonden. Als iemand besmette mail naar een adres verzendt, kan deze persoon nog niet zien welke software dit bestand bevat. Hij wacht op een reactie. Demonische infiltratie moet het ook hebben van een antwoord. Satan en zijn demonen kunnen niet de gedachten van mensen lezen, als ze deze niet uiten. Zij letten op de menselijke uitingen, reacties en houdingen. Het is daarom belangrijk dat je jouw gedachten en geloof helder naar buiten brengt en belijdt, zodat het voor mensen en (gevallen) engelen duidelijk wordt. Ze moeten weten aan welke kant je staat, welke positie je inneemt en hoe je over de geestelijke zaken denkt. Als wij ons geloof in Jezus Christus duidelijk uitspreken, kan het ons beschermen tegen verdere demonische infiltratie. Jezus verklaart ons in Matth.10:32: ‘Een ieder dan, die Mij belijden zal voor de mensen, die zal Ik ook belijden voor Mijn Vader, Die in de hemelen is’.

Om veilig en getroost te zijn moeten Jezus openbaar erkennen als onze Heiland, Heere, Meester en Beschermer. Dit wordt ook zo verwoord in zondag 1 van de Heidelbergse Catechismus. In antwoord 1 wordt ook beleden we door Jezus Christus uit alle heerschappij van de duivel verlost zijn en door Hem worden bewaard. Voortdurende openbare belijdenis van het geloof is belangrijk. Gelovige, laat zien aan welke kant je staat en Wie je toebehoort!

 Belijd openlijk het geloof in Jezus Christus

Blijf waakzaam en houd ze in de gaten!

Demonen zijn als parasieten, die leven op beschadigde en zwakke plekken. Ze zijn als roofdieren, repielen en slangen, die geen medelijden hebben met hun prooi. Houd ze buiten de deur en blijf bij ze uit de buurt. Blijf ze scherp in de gaten houden, zodat ze geen opening kunnen forceren in de beschermende muur van jouw geestelijk huis.

 

                                        

Als jij een opening geeft, zal een demon van de gelegenheid gebruik maken. De vijand zal in zijn aanvallen kijken naar onbeschermde plaatsen; daarom moet een christen op zijn post blijven staan en steeds weer zijn wapenrusting aandoen en gebruiken.

Slangenzaad en Vrouwenzaad

Het hart of de geest van de mens is het zaaiveld voor geestelijke invloeden. Het geestelijk zaad komt binnen via de gedachten en wordt wel of niet geaccepteerd door ons denken. Als we boze geestelijke invloeden binnenlaten, vinden ze een goede voedingbodem in ons hart.

                                           

Verderop leg ik in dit artikel uit hoe het slangenzaad communiceert met onze gedachten en invloed op ons uitoefent. De gedachten, invloeden,verleidingen en infiltraties van satan en zijn demonen zijn het slangenzaad.

Wat er ook gebeurt en op ons afkomt, één ding is zeker:

Jezus Christus heeft satan en zijn demonen overwonnen

 en het Vrouwenzaad zal het altijd blijven winnen van het slangenzaad!

Zoals eerder aangegeven wordt ons in Openb.12 een blik achter de schermen van het wereldgebeuren gegeven. Daarin zie je duidelijk dat het ten diepste in de wereldgeschiedenis gaat over de strijd tussen het slangenzaad en het Vrouwenzaad. Deze strijd is begonnen bij de zondeval in het paradijs. Ook in de hoofdstukken na Openb.12 zie je dat deze strijd zich intensiveert in de laatste periode van de eindtijd. Gezien de tekenen der tijden mogen we aannemen dat we in deze tijd leven.

Het occulte slangenzaad

We lezen in Openb.12:4 dat de draak met zijn staart het derde deel van de sterren van de hemel trok en op de aarde wierp. Dit zijn dus de met satan meegevallen engelen, die demonen zijn geworden. Het zaad van de slang kunnen niet de kinderen en het nageslacht van de slang zijn, want satan en zijn demonen hebben zich naar hun aard nooit in aantal kunnen uitbreiden.

We lezen in Gen.3:15 dat God spreekt tegen de slang: ‘En Ik zal vijandschap zetten tussen u en tussen deze vrouw, en tussen uw zaad en tussen haar zaad; dat zal u de kop vermorzelen, en gij zult het de verzenen vermorzelen.’ Er zal na de val op aarde een voortdurende vijandschap zijn tussen de nakomelingen van de slang en de nakomelingen van de vrouw – het zal een geestelijke strijd zijn tussen ‘slangen’ en mensen. Vers 15 wordt wel het ‘Proto-evangelie’ of de moederbelofte genoemd. De Studiebijbel geeft aan dat in het Hebreeuws het woord ‘zaad’ in beide gevallen collectief is. Het is bemoedigend dat er staat in Rom.16:20: ‘En de God des vredes zal de satan welhaast onder uw voeten verpletteren.’

Het blijkt hierin dus dat God zijn gemeente gebruikt om de duivel en zijn demonen te bestrijden en te overwinnen. In Christus zijn de gelovigen meer dan overwinnaars! (Rom.8:37). 

                                     

Het zaad van verleiding

Uit het genoemde blijkt dat satan in de westerse situatie het zaad van de verleiding uitstrooit, om de mensen mee te kunnen sleuren binnen zijn machtsgebied. Hij gebruikt daartoe zijn demonen en de mensen die al door hem zijn beïnvloed. Verder zal hij op een geestelijke en vaak occulte wijze alle moderne communicatiemiddelen gebruiken. Hij communiceert via de het internet, de massamedia, de films, de shows, de computergames en de popmuziek. Het zaad dat de slang in de harten van de mensen strooit, zijn de verleidende invloeden, de zondige gedachten, verwarde, chaotische en negatieve gevoelens en ook de wettische wereldse grondbeginselen.

Het zaad van de slang wordt op geestelijke wijze gestrooid in harten van de mensen. Satan en zijn demonen communiceren met ons via onze gedachten. Zolang onze wil niet overeenstemt met de boze influisteringen, doen wij geen zonde. Op het moment dat we instemmen met de verkeerde ingevingen, wordt het zaad ontvankelijk voor ons en ‘landt’ het in ons hart.

Laat het slangenzaad

niet ontkiemen in het zaaiveld van je hart

Stel je voor dat er wordt ingefluisterd, dat je weinig of niets waard bent en dat de mensen je uiteindelijk niet mogen. Als je er geen gehoor aan geeft is er niets aan de hand, maar als je het over neemt en gaat denken dat dit inderdaad zo wel zal zijn, zal het verkeerde zaad bij je opkomen en gaan voortwoekeren in je leven.

Geestelijke communicatie

Vanuit de onzichtbare geestelijke wereld is er een voortdurende beïnvloeding van de geest of het hart van de mens. Paulus verklaart in Rom.8:16 dat ‘de Geest met onze geest getuigt, dat wij kinderen van God zijn’. De Heilige Geest maakt dus contact met onze menselijke geest en bevestigt aan ons dat wij kinderen van God zijn. Hij getuigt samen met onze geest. Er is dus een onderlinge communicatie met onze gedachten.

Satan en zijn demonen communiceren in de geestelijke wereld ook met onze gedachten.

Er wordt vanuit de geestelijke wereld

 gecommuniceerd met onze gedachten

Op de afbeelding hieronder zie je hoe het op geestelijk gebied werkt in je hart. Je ziet dat de verleidingen in de gedachten zijn binnengedrongen. Het kunnen gedachten aan verkeerde filmbeelden of gesprekken zijn. Het kunnen ook ingevingen van demonen zijn, die verkeerde gedachten opwekken en aanwakkeren.

Het is logisch dat demonen steeds weer opnieuw proberen in te dringen in de gedachten van de mens. Het zijn boze geesten. Ze kunnen niet anders dan op een geestelijke en occulte wijze binnenkomen. Ze strooien de satanische gedachten, het slangenzaad, op deze wijze in de geest of het hart van de mens. Het verkeerde geestelijke zaad, dat via de gedachten binnenkomt, hoeft nog geen goede voedingsbodem te vinden in je hart.

De functie van het denken

Gelukkig is het denken er ook nog. Met je denken kun je de verkeerde gedachten beoordelen en wel of niet accepteren. Als je zondige gedachten verwerpt en uitbant, is er niets aan de hand; als je ze accepteert, gaat het innerlijk verkeerd. Door een helder denken kun verkeerde invloeden en verleidingen herkennen en beoordelen. Je moet goed en kwaad leren onderscheiden. Je gaat dan op de negatieve gevolgen letten. De gave van de onderscheidingen van de geesten is daarom ook van groot belang! Dat is een speciaal charisma van de Heilige Geest (zoals je dit leest in 1 Kor.12:10). Hierdoor kunnen we de werking van de boze geesten ontmaskeren en de geesten beproeven of ze uit God zijn of niet (1 Joh.4:1).

Je gevoel hoort bij het automatische zenuwstelsel. Je gevoel of je emoties kunnen een willoos slachtoffer worden van zondige begeerten. Verleidingen wekken begeerten op. Je kunt dit zien in de afbeelding. Het denken speelt dus een belangrijke rol in het in goede banen leiden van het gevoel en de begeerten. Je moet je eerst bezinnen, voordat je iets gaat beminnen. Denk eerst goed na, en laat je niet door je gevoel leiden. Het denken kan goed samenwerken met de wil. Een gelovige heeft een vernieuwd en verlicht denken ontvangen en ook een vernieuwde wil gekregen. Een standvastige, vernieuwde wil heeft de wil om te geloven en Jezus te volgen.

           Samenvattend kunnen we het volgende zeggen: 

         Wij dienen terdege rekening te houden op de onzichtbare geestelijke zaken, die op  ons afkomen en ons beïnvloeden.

–         Er zijn dus zowel goede geestelijke invloeden als kwade, demonische invloeden.

–         Je moet ze beide leren onderscheiden, om er goed mee om te kunnen gaan.

–         De onzichtbare geestelijke zaken bepalen uiteindelijk ons leven en de gang die we maken naar het eeuwige leven.

–         Er wordt gecommuniceerd via onze gedachten.

–         Er wordt op een geestelijke wijze gezaaid in de akker van ons hart.

In de afbeelding die volgt zie je wat de geestelijke invloeden in het hart kunnen uitwerken. Aan de linkerkant zie je het donkere gedeelte van het negatieve juridische veld. In dit veld heerst er onkunde en zijn er gevoelens van afgunst, afwijzing, angst, boosheid, twijfel en valse schuldgevoelens. (Valse schuldgevoelens voeden een negatief zelfbeeld en werken negatieve zaken uit in het leven, zoals vluchtgedrag, sociale angst, en dergelijke zaken.)

De genoemde gevoelens aan de linkerkant worden gevoed door de boze geestelijke invloeden. Deze invloeden komen binnen via de gedachten en worden door het denken wel of niet geaccepteerd. Als ze worden geaccepteerd, worden ze door het denken geplaatst in het negatieve veld bij één of meer van de genoemde items. Door de geaccepteerde boze geestelijke invloeden worden deze  innerlijke gevoelens dus gevoed.

Aan de rechterzijde zie je in het lichte gedeelte de gevoelens van liefde, hoop, veiligheid, acceptatie, geloof, kennis en goede schuldgevoelens. Deze worden via de gedachten en het denken gevoed door de goede geestelijke invloeden.

De goede schuldgevoelens werken iets goeds uit, zeker als het hart werkelijk is vernieuwd door de Heilige Geest.

De boze geestelijke ingevingen en invloeden zijn ten diepste afkomstig van het occulte slangenzaad. Het zijn de voortgeplante gedachten en denkbeelden van satan, zijn demonen en volgelingen. Het zijn vooral de demonen die op een occulte en negatieve wijze communiceren met de gedachten. Verder zijn het natuurlijk de woorden van andere mensen die effect hebben op onze gedachten. Vooral negatieve woorden kunnen lang blijven nagalmen in onze gedachten. Het is het geestelijke zaad dat op geestelijke wijze in ons wordt gestrooid. Uiteindelijk komt veel geestelijk zaad via het denken in het zaaiveld van ons hart terecht. Daar kan het een goede voedingsbodem vinden.

Wat komt er in de akker van je hart?

 Lezen: Matth.13:1-9, 18-30, 36-43 

Dat je hart of je geest de akker is waarin het kwade en ook goede zaad wordt gestrooid, komt overeen met de gelijkenissen van Jezus in Matth.13 en Luk.8. In de gelijkenis van Matth.13:24-30 zien we dat een mens goed tarwezaad heeft gezaaid in de akker. Het ziet er op dat het Woord van God in veld van de gemeente wordt gezaaid. In vers 25 lezen we dat, toen de mensen sliepen, zijn vijand onkruid zaaide middenin de tarwe, en weg ging. Je ziet hierin hoe in het verborgen (op een occulte wijze) de duivel het onkruid zaait in de akker van een gemeente, waar ook tarwe staat. Het onkruid, de giftige dolik, is in het begin niet te onderscheiden van de goede tarwe. Dolik is een bedwelmende, dronken makend onkruid.

In de voorgaande gelijkenis gaat het over individuele personen, die het Gods Woord horen. De gesteldheid van de harten zijn daarbij verschillend. In vers 19 verklaart Jezus ons: ‘Als iemand dat Woord van het Koninkrijk hoort, en niet verstaat, zo komt de boze, en rooft weg, wat in het hart gezaaid was.’ Mensen die niet over het verkondigde Woord van God nadenken en het niet begrijpen zijn een gemakkelijke prooi van satan.

Op het moment dat we gehoor geven aan de verleidingen van de duivel, geven we hem de ruimte om steeds meer van onze gedachten en gevoelens in beslag te nemen. Langzaam maar zeker kunnen we dan in de greep komen van bepaalde zonden en verkeerde gevoelen, die ons (uiteindelijk) ongelukkig maken. In het spoor van satan vervallen zijn slachtoffers meestal tot depressieve of agressieve gedachten. Agressiviteit en depressiviteit zijn gevoelens die bekend zijn bij de duivel en zijn onderdanen (de boze geesten). De demonen gaven bij Jezus blijk van hun angst om uitgeworpen te worden en vroegtijdig meer gestraft te worden.

Dit wordt op een geestelijke wijze ook geprojecteerd in de harten van hun slachtoffers. Ze kunnen ons op deze wijze ons hart en onze gevoelens gaan beheersen, belasten en kwellen, maar gelukkig kunnen we door Gods genade worden verlost van de boze, door gebed en bevrijding. Als we moedwillig in de zonde blijven liggen en het een dwangmatige verslaving wordt, zullen we niet bevrijd worden uit een demonische gebondenheid. We moeten daarom ook gewillig en bereid zijn (en worden gemaakt) om door de Heere te worden bevrijd en geholpen.

Het zaad van negatieve gedachten

Satan is een wettische geest, die goed thuis is op religieus gebied. Hij probeert zelfs de gelovigen te verleiden om terug te keren naar de zwakke en arme eerste beginselen (the miserable principles), zoals je dat onder meer ziet in Gal.4:9. Hij strooit met zijn demonen negatieve gevoelens in de harten. Hij is de aanklager van de broeders, de beschuldiger. Hij werpt ook uiteen als de diabolos. Hij veroorzaakt door zijn negatieve beïnvloeding verwarring, twijfel, (innerlijke) problemen, onenigheid, twisten en valse schuldgevoelens in de harten van kerkmensen en gelovigen. Hij probeert gelovigen te ontmoedigen door moedbenemende omstandigheden in het gezin, in de kerk of op het werk.

Er kunnen kwellers op je weg worden geplaatst

God kan ze voor je gebruiken als ‘genadetrainers’

 Gebruik zelf de vleugels van geloof en gebed

Als je geen goed gebruik maakt van de vleugels van het geloof en het gebed, kun je gemakkelijk worden meegesleurd in onderlinge conflicten en worden onder gedompeld in probleemsituaties.

Satan beïnvloedt de gedachtewereld en de innerlijke gevoelens, zodat je door naar verkeerde inspraken luisteren en er in te geloven, spoedig kunt worden meegenomen in een neergaande spiraal.

De demonen zijn ook individuen met een eigen identiteit. Het zijn geesten die zijn onderworpen aan de gedachten, het denken en de boze wil van satan. Het zijn de uitvoerders van de wil en kwade bedoelingen van hun meedogenloze meester. Zij kunnen slechts uitdragen en naar andere wezens uitzenden wat ze in zich hebben aan negatieve eigenschappen en gevoelens.

Boze geesten trachten gevoelens van boosheid, afgunst, schuld, afwijzing, angst en twijfel over te brengen op mensen

Deze zondige gevoelens vinden gemakkelijk aansluiting bij gevallen mensen. Zij corresponderen ook met ‘de oude mens’ in de gelovige.

Als er al van deze gevoelens en zwakheden zijn in het hart van een mens, zullen ze daar hun verdervende pijlen op richten. Het is belangrijk dat we deze zwakke plekken kennen in ons leven en bij anderen. Het is een vorm van ‘voorkompastoraat’ dat we vroegtijdig werken aan de zwakke plekken. Dit moet dus al gebeuren vanaf de vroegste kinderjaren. De zwakheden en beschadigingen vanuit de kindertijd en de jeugd hebben nogal eens een overheersende impact op de rest van het leven. De demonen zullen zich daarom ook zo snel mogelijk richten op de gevoelens van kwetsbare kinderen en puberende jongeren.

Boze geesten richten zich zo snel mogelijk

 op kwetsbare kinderen en puberende jongeren

In de volgende afbeelding zie je de infiltratie van de geestelijke boosheden in de gedachten. Hierin zie je de geestelijke pogingen tot infiltratie op zwakke, kwetsbare en beschadigde plekken in het hart van een mens. Het is opmerkelijk dat ze juist ook schuldgevoelens willen overbrengen. Zij begeren dat hun slachtoffers de influisteringen en gevoelens zullen overnemen in hun denkwereld. Ze maken ook misbruik van de onkunde die er is over de geestelijke beïnvloeding en de geestelijke principes die tot ons komen vanuit Gods Woord. Zij kunnen hun boze plannen succesvol uitvoeren in het hart waar zonde en onkunde aanwezig zijn.

Als je dit nu weet, let dan op de volgende adviezen:

– Geef geen gehoor aan de boze influisteringen van demonen.

– Besef dat ze werken met leugens en manipulatie.

– Weet dat je de boze gedachten niet hoeft te accepteren   en kunt verwerpen.

– Weet ook dat je niet zondigt als je de ingevingen niet overneemt.

– Waak over je gevoelsleven.

– Let op je gevoelens van boosheid, schuld, afgunst, afwijzing, angst en twijfel.

– Zorg ervoor dat deze negatieve gevoelens niet gaan overheersen in je  leven.

– Richt je gedachten op positieve en bemoedigende zaken vanuit Gods Woord.

– ‘Word niet overwonnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede’ (Rom.12:21).

Blijf waakzaam in de eindtijd

In de eindtijd blijft ‘de boze dag’ iedere eeuw uiterst actueel. Heel wat profetieën moet je vanuit een historisch perspectief beschouwen: steeds weer wordt het vervuld. Toch is op te merken dat de zaken zich concentreren en intensiveren naar de beslissende eindstrijd toe. Je kunt dit zien in Openb.12:12, waarin we lezen dat de duivel is afgekomen op aarde en grote toorn heeft, omdat hij weet dat hij (nog) een kleine tijd heeft. In vers 17 lees je dat de draak zich vergrimde op de vrouw (op de gelovigen). In Openb.13 en 17 zien we een wereldomvattende eindtijdcrisis en eindstrijd. Dit zijn zaken waar ook wij mee te maken hebben!

We moeten ons tijdig wapenen tegen ‘de boze dag’. We kunnen ons geriefelijke leventje willen blijven leven binnen onze beschermde (reformatorische en Bijbelgetrouwe) bolwerken, zonder dat we ons tijdig wapenen tegen ‘de boze dag’ (Ef.6:13).

Let op de positie waarin een gelovige verkeert en welke opdracht hij in deze boze wereld heeft. Geef gehoor aan de opdracht van Jezus aan zijn ware discipelen en volgelingen in Matth. 10:16: ‘Zie, Ik zend u als schapen te midden van de wolven; wees dus bedachtzaam als de slangen en oprecht als de duiven.’ Je moet zo listig als een slang met het Evangelie opereren in het domein van de slang.

Een gevaarlijke zoektocht naar occulte kennis

Veel mensen zijn op zoek naar een hogere, verborgen kennis. Omdat het ook een geestelijke zoektocht is, worden ze gemakkelijk beïnvloed door misleidende geesten. Omdat velen in het Westen het christelijk geloof hebben verlaten vallen ze ten prooi aan ongeloof en bijgeloof. In onze belijdenis lezen we dat God mede invloeit in de bewegingen der mensen. Satan en zijn demonen doen dit in hun imitatiedrang ook. Zij hebben genoeg ervaring om te weten hoe ze angstige, nieuwsgierige en religieus zoekende mensen moeten beïnvloeden op hun zoektocht.  

Het is trouwens moeilijk voor mensen om nergens in te geloven. Ze beseffen vanuit hun ingeschapen Godskennis en hun natuurlijk Godsbesef dat er iets hogers boven hen moet zijn. Het ietsisme is erg in bij het moderne heidendom. Allerlei nieuwe occulte bewegingen, het spiritisme, de Oosterse mystiek en de New Age beweging varen wel bij de verkeerde geestelijke zoektocht van veel westerlingen.

Bij de heidenen is er duidelijk een zoektocht naar een bovennatuurlijke werkelijkheid. Dit was ook het geval bij de oude Grieken en Romeinen. De meeste nieuwe dwalingen zijn te herleiden naar oude dwalingen.

Het Griekse Woord ‘daimon’ betekent oorspronkelijk god of godheid en dat betreft dan vooral een lagere godheid, een tussenwezen, een boze geest. Vanuit 1 Kor.10:20 weten we dat achter de afgoden demonen schuil gaan. Dat zien we al in de Septuagintavertaling van Ps. 96:5: ‘Al de goden van de volken zijn demonen.’

Achter (computer)afgoden 

kunnen demonen schuilgaan

Door het maken en aanbidden van afgoden geeft men een opening voor occulte beïnvloeding en een plaats aan demonen. De demonen zullen zeker ook gebruikmaken van de moderne mediamiddelen, waarin het occulte World Wide Web van satan is gesponnen. Het lijkt wel dat in het duistere netwerk achter de schermen heel wat aanknopingspunten zijn aangelegd vanuit de mysteriegodsdiensten en heidense vereringen van beelden en geesten (van voorouders). In de media gaat het steeds meer over ‘vorige levens’ en ‘contacten met overleden personen’. Dit komt uit de duistere, occulte wereld van het heidendom.  

In de media en de computergames is heel wat plaats gemaakt voor occulte symbolen, magie, afbeeldingen en namen van Griekse en Romeinse goden en afgoden van andere volken. Demonen, vampiers en magiërs, priesters, bovenaardse wezen en gedrochten, de hel en het dodenrijk (hāidēs) worden gevonden in bepaalde computergames. Er zijn in de games figuren en zaken te vinden waarachter werkelijk demonen kunnen schuil gaan. Ik hoop dat de jonge christelijke spelers zullen gaan inzien welke gevaren er schuilen in bepaalde games.

Satan en zijn demonen hebben niet  per se zichtbare afgoden nodig. Zij vinden vooral op een geestelijke, occulte wijze ingang in het denken van de mens.

Gnostieke denkbeelden bieden een plaats voor demonen

Om een helderder zicht te krijgen over wat gaande is in de occulte wereld en de beïnvloeding van het denken door demonische machten, wil ik terug naar de vroege gnostiek. De gnostiek heeft zijn wortels in de mysteriegodsdiensten, het Grieks filosofisch denken en het hellenistisch Jodendom. Het is een weg van zelfverlossing door middel van bijzondere kennis met betrekking tot de geestelijke wereld. In het Grieks is kennis ‘gnōsis’.

Volgens een excurs van de Studiebijbel, NT deel 8, probeerde de gnosticus ‘langs de weg van mystieke ervaring op te stijgen in de geestelijke wereld om tenslotte de hoogste godheid te aanschouwen of zelfs één met hem te worden’. Met de verkregen inzichten kon hij dan de menigte van ‘onwetende’ gelovigen voorlichten en leiden.

De basis is al gelegd in de mysteriegodsdiensten. Deze kenden een geheime leer, geheime rituelen of geheime teksten, die alleen bekend waren bij ingewijden. Denk hierbij ook aan praktijken bij de vrijmetselaars.

De ingewijden in de gnostische leer werden meestal pneumatikoi (geestelijke mensen) genoemd. Zij beschouwden zichzelf verheven boven het niet-ingewijde volk, namelijk de psuchikoi (de ziel-ige, natuurlijke mensen). We zien dat bepaalde facetten en principes uit de gnostiek zijn doorgevoerd in de rooms-katholieke kerk en zelf in bepaalde protestantse kringen. Dit betreft ook het vereren en aanbidden van tussenpersonen. Bij de roomsen zijn dit de heiligen en bij de gnostieken allerlei geestelijke machten. Zij fungeerden in hun leer zelfs als middelaars tussen God en de menselijke ziel. Deze geestelijke machten werden door de joods-christelijke gnostici engelen genoemd, terwijl de Grieken ze identificeerden met ‘goden’ of geesten, die aan planeetsferen waren verbonden.

De gnostici leerden dus dat de hulp van engelen, overheden en machten noodzakelijk was om de mystieke eenwording met God te bereiken. Hierin zien we hoe de listige slang het denken van de godsdienstige mens altijd al heeft weten te beïnvloeden en te vergiftigen met dwaling. Achter de gnostiek en het wijsgerige denken verschuilen zich dus ook demonen. Op geestelijke wijze formeert men denkbeelden om tot een mystieke kennis van een god of een godheid te komen. Deze denkbeelden bieden een plaats voor demonen, die zich vervolgens vastzetten op het denken van de gnostici. Deze ingewijden beïnvloeden het gewone, onwetende volk. Het gaat op dezelfde wijze als bij de Indische goeroes (de verlichte meesters).

In Kol.2:18 heeft Paulus het over de verering van engelen door dwaalleraren. Zij pochten op bijzondere geestelijke inzichten, wat kan duiden op occultisme en gnostische invloeden. In Kol.2:15 en Ef.6:12 identificeert Paulus de geestelijke machten met boze geesten. Als we er Efeze 6:12 naast leggen zien we dat de gelovigen juist de strijd hebben tegen de overheden, tegen de machten en tegen de geestelijke boosheden in de lucht.

In Hand.17 lezen we dat Paulus in Athene het Evangelie brengt op de Areopagus aan de Griekse wijsgeren. De waarheid van Gods Woord overwint de dwaling. Jezus is de Weg, de Waarheid en het Leven (Joh.14:6). Door Zijn woord leren we de waarheid kennen, en de waarheid zal ons dan vrij maken (zie Joh.8:31-32). Jezus verzekert ons in Joh.8:36: ‘Als dan de Zoon u vrijgemaakt heeft, zult u werkelijk vrij zijn.’     

Overwinning door Jezus Christus

Jezus Christus heeft door Zijn overwinning aan het kruis de overheden en de machten uitgetogen; Hij heeft die in het openbaar tentoongesteld, en heeft erdoor over hen getriomfeerd (Kol.2:5). Eigenlijk staat er dat Hij ze uitgekleed heeft (dat hij ze van hun wapenrusting heeft ontdaan). De Studiebijbel verklaart verder: ‘Ook de duivel zelf is aan het kruis door Jezus Christus overwonnen (Hebr.2:14). Al deze machten hebben, door de overwinning van Christus, hun autoriteit over de gelovigen verloren (Ef.2:1-5).’

Als je aan Gods kant mag staan,

is de overwinning zeker!

Al is de listige leugenachtige slang nog zo snel, de waarheid achterhaalt hem wel. Johannes heeft de overwinning al mogen zien en geeft ons door in Openb.12:10-11: ‘En ik hoorde een grote stem, zeggende in de hemel: Nu is de zaligheid, en de kracht, en het koninkrijk geworden van onze God; en de macht van Zijn Christus; want de aanklager van onze broederen, die hen aanklaagde voor onze God dag en nacht is neergeworpen. En zij hebben hem overwonnen door het bloed van het Lam, en door het woord van hun getuigenis, en zij hebben hun leven niet liefgehad tot de dood toe.’

Door het geloof ben je veilig

Lezen: Psalm 91

Je bent door het geloof veilig in de aanwezigheid van God. Door verschillende beelden wordt dit in de Bijbel duidelijk gemaakt. Het is van het grootste belang dat je weet in welke positie of plaats je bent. Verkeer je op een veilige of onveilige plaats? In welke verhouding sta je tot God, de Allerhoogste Majesteit?  Wat is jouw relatie tot Jezus Christus? Als je bij Hem hoort, ben je ‘veilig in Jezus armen’.

 Je bent veilig in de schuilplaats van de Allerhoogste

Een gelovige verkeert in principe in een veilige positie. Hij is door het verzoenend bloed van Jezus Christus aan God verbonden. We lezen over de veilige positie van de gelovige in Ps.91:1: ‘Die in de schuilplaats van de Allerhoogste is gezeten, die zal vernachten in de schaduw van de Almachtige.’ Als het geloof wordt beoefent, mag je er op vertrouwen, wat we lezen in de verzen 9-11: ‘Want U, HEERE! bent mijn Toevlucht! De Allerhoogste hebt u tot uw woning gemaakt. Geen kwaad zal u treffen, geen plaag zal uw tent naderen. Want Hij zal Zijn engelen bevelen, dat zij u bewaren in al uw wegen.’

Houd er rekening mee, gelovige, dat de krachtige hand van God je beschermt! Vertrouw op Hem! en maak je geen zorgen onder Zijn beschermende, krachtige hand. Toch moet je in de schuilplaats van de Allerhoogste niet zorgeloos worden, maar altijd waakzaam en strijdbaar blijven!

Een gelovige hoeft niet bang te zijn

Als je jezelf bewust bent van een wettige plaats in Christus, hoef je niet echt bang te zijn voor de brullende leeuw. In de Christen- en Christinnereis van John Bunyan zie je dat er twee leeuwen op hun pad waren, maar die lagen wel aan de ketting. In het midden van het pad konden ze niet bij je komen. Christen wist dat aanvankelijk niet, maar aan Christinne was het al van te voren verteld. 

Zo is het goed dat een oprecht gelovige weet dat zijn plaats in Christus veilig is en dat hij niet uit de hand van de Zoon en de Vader kan worden gerukt. We lezen namelijk in Joh.10:27-30: ‘Mijn schapen horen Mijn stem, en Ik ken ze, en zij volgen Mij. En Ik geef hun het eeuwige leven; en zij zullen niet verloren gaan in der eeuwigheid, en niemand zal ze uit Mijn hand rukken. Mijn Vader, die ze Mij gegeven heeft, is meerder dan allen; en niemand kan ze rukken uit de hand van Mijn Vader. Ik en de Vader zijn één.’ Het zal niet gebeuren en het kan ook niet gebeuren!

Jezus waakt als de goede Herder over Zijn schapen

We moeten echter wel leren om als een afhankelijk schaap de stem van de goede Herder te horen. Leg je oor daarom niet te luisteren aan de bedrieglijke influisteringen van satan, wat er ook gebeurt! Hij wil je bang maken, maar hij maakt je bang voor niets… want God is de Almachtige en Jezus, je Koning is ook machtiger dan Zijn verslagen vijand!

Gelovige, ben je jezelf wel bewust van je positie in Christus? Een christen heeft zijn identiteit in Christus! Als je steeds weer twijfelt aan je veilige positie, heeft satan meer kansen om je in het nauw te drijven.

De Engelse puritein Thomas Brooks (1608-1680) leert ons: ‘De satan doet de ‘droevige, twijfelende en troosteloze ziel’ meer aan haar zonden dan aan haar Zaligmaker denken.’ Hij stelt daar tegenover: ‘Laten de gedachten aan een gekruiste Christus u nooit verlaten.’ Brooks heeft het boek ‘Kostbare middelen tegen satans listen’ geschreven. Hij verklaart ons verder: ‘Indien de satan niet kan verhinderen dat Gods volk ten laatste het paradijs, dat boven is, zullen binnentreden, zal hij zijn best doen om hun leven hier beneden tot een wildernis te maken. De satan tracht de troost van Gods kinderen te nemen, wanneer hij hun kroon niet kan roven.’

Laat de satan je troost niet roven, door hem op zijn woord te geloven. Hij is de vader van de leugen. Hij wil je angstig en depressief maken. Blijf gelovig op Jezus zien!.

Jezus bemoedigt Zijn volgelingen in Joh. 14:27: ‘Vrede zij u’. Leef vanuit de vrede en rust van Jezus, die ons ook verklaart: ‘Vrede laat Ik u, Mijn vrede geef Ik u.’ In het Engels lees je dat Jezus tot Zijn discipelen zegt: ‘Hold your peace’ (‘bewaar je vrede’)

Wees niet bang voor …

Er is een mooi voorbeeld van een vader die met zijn zoontje in de auto op een drukke weg rijdt. Hij moet zijn handen goed aan het stuur houden. Door het open raam is er echter een grote bij binnengevlogen. De kleine jongen is allergisch voor een bijensteek… zijn gezondheid staat daarbij op het spel.

De angstige jongen gilt het uit van angst! Op een geschikt moment vangt zijn vader de bij in zijn hand. Hij houdt zijn hand vervolgens stevig gesloten. Maar op een gegeven moment heeft hij zijn hand weer nodig aan het stuur… en de bij ontsnapt weer in de auto! De arme jongen gilt het weer uit van angst, vooral ook omdat de bij nu wel agressiever zal zijn. De brommende bij komt gevaarlijk dichtbij… Wat een paniek! 

Dan zegt zijn vader: ‘Mijn zoon, je hoeft niet bang te zijn… kijk maar eens in mijn hand. In de hand van zijn vader ziet de jongen de angel van de bij vastzitten! De bij is van zijn gevaarlijke angel beroofd. Hij kan nu geen kwaad meer doen. 

                                          

Ik denk dat het voorbeeld duidelijk is. Als je bang bent voor ‘de brommende duivel’ om je heen, kijk dan maar gelovig in de handen van Jezus.

  

De goede Herder kalmeert de stress van Zijn schapen

De wolf en zelfs de herdershond jagen veroorzaken juist stress en angst bij de schapen. Je mag de duivel misschien wel zien als een boze herdershond, die wordt gebruikt om de schapen naar de herder te laten vluchten.

  

Als je gelovig mag zien in de nodigende en beschermende handen van Jezus, hoef je niet bang te zijn. Je zou het bekende lied ‘Je hoeft niet bang te zijn’ ook kunnen betrekken op de duivel en zijn duistere machten. Je kunt dan lezen en zingen:

                                      Je hoeft niet bang te zijn,

                                      al dreigt de duivel weer,

                                      leg maar gewoon je hand

                                      in die van onze Heer.

 

Comments are closed.